SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Lecrolyn
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Lecrolyn 40 mg/ml oogdruppels, oplossing
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Elke ml bevat 40 mg natriumcromoglicaat.
Eén druppel (ongeveer 0,03 ml) bevat ongeveer 1,2 mg natriumcromoglicaat.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Oogdruppels, oplossing
Heldere, kleurloze of enigszins geelachtige oplossing met een pH van 4,0-6,0 en een osmolaliteit van 260-340 mOsm/kg, die vrijwel geen deeltjes bevat.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Symptomatische behandeling van allergische conjunctivitis bij volwassenen en kinderen.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
De dosering moet voor elke patiënt individueel worden bepaald.
De aanbevolen dosering voor kinderen en volwassenen:
1 tot 2 druppels in elk oog tweemaal per dag.
Indien de intensiteit van de symptomen een frequentere dosering noodzakelijk maakt, mag de frequentie van toediening van de dosering niet meer zijn dan 4 keer per dag.
Gebruik bij ouderen
Bij oudere patiënten is een aanpassing van dosering niet nodig.
Lecrolyn moet regelmatig worden gebruikt om de symptomen optimaal onder controle te krijgen. Het wordt aanbevolen de behandeling voort te zetten gedurende de periode van blootstelling aan allergenen.
Wijze van toediening
Lecrolyn 40 mg/ml oogdruppels, oplossing is uitsluitend voor oculair gebruik. Het moet in het conjunctivale zakje van het oog worden toegediend.
Om potentiële besmetting van de oplossing te voorkomen, mogen de patiënten hun oogleden, omringende gebieden of enig ander oppervlak niet aanraken met de pipetpunt van de fles.
In geval van gelijktijdige behandeling met andere oogdruppels, moeten instillaties met een tussenperiode van 15 minuten plaatsvinden.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik
Als symptomen blijven aanhouden of verergeren, moet de patiënt door een arts worden onderzocht.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Er zijn geen interactiestudies uitgevoerd.
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding
Zwangerschap
Gegevens van een beperkt aantal blootgestelde zwangerschappen duiden niet op nadelige effecten van cromoglicaat op de zwangerschap of de foetus/pasgeborene. De resultaten uit dierstudies duiden niet op directe of indirecte schadelijke effecten wat betreft zwangerschap, ontwikkeling van het embryo/de foetus, bevalling of postnatale ontwikkeling. Aangezien de systemische blootstelling aan cromoglicaat verwaarloosbaar is na lokale instillatie in het oog, worden er geen effecten op de foetus/zuigeling verwacht. Lecrolyn kan tijdens de zwangerschap worden gebruikt.
Borstvoeding
Er worden geen effecten verwacht op pasgeborenen/zuigelingen die borstvoeding krijgen, aangezien de systemische blootstelling van de borstvoeding gevende vrouw aan natriumcromoglicaat verwaarloosbaar is. Lecrolyn kan tijdens borstvoeding worden gebruikt.
Vruchtbaarheid
Er worden geen effecten op de vruchtbaarheid verwacht aangezien de systemische blootstelling aan natriumcromoglicaat verwaarloosbaar is.
Natriumcromoglicaat had geen invloed op de vruchtbaarheid bij dieren, zelfs niet bij hoge systemische doses.
4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Zoals met andere oogdruppels kan instillatie van Lecrolyn lokale irritatie en wazig zicht veroorzaken die tijdelijk invloed kunnen hebben op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen.
4.8 Bijwerkingen
Bijwerkingen worden hieronder vermeld als voorkeursterm van MedDRA volgens systeem/orgaanklasse en absolute frequentie.
Frequenties zijn gedefinieerd als:
Vaak (≥ 1/100, < 1/10).
Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).
Immuunsysteemaandoeningen
Niet bekend: overgevoeligheidsreacties
Oogaandoeningen
Vaak: voorbijgaande prikkeling of lokale irritatie
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website: www.lareb.nl.
4.9 Overdosering
Er is geen informatie beschikbaar over bijwerkingen in verband met overdosering.
5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Farmacotherapeutische categorie: decongestiva en anti-allergica.
ATC-code: S01GX01.
Werkingsmechanisme
Lecrolyn is een preparaat voor de behandeling van allergische conjunctivitis. Het werkingsmechanisme is nog niet helemaal duidelijk, maar dierstudies en in-vitro studies duiden erop dat de werkzame stof natriumcromoglicaat de degranulatie van de mestcellen verhindert en daardoor de vrijgifte van histamine en andere stoffen die een ontsteking veroorzaken.
5.2 Farmacokinetische eigenschappen
Natriumcromoglicaat dringt slecht door het hoornvlies. De absorptie van natriumcromoglicaat door mucusmembranen van het oog in de systemische bloedsomloop is verwaarloosbaar en het wordt in ongewijzigde vorm uitgescheiden in de gal en de urine.
5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek
Er zijn geen relevante gegevens uit preklinische studies die niet in andere rubrieken van de SPC worden vermeld.
6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS
6.1 Lijst van hulpstoffen
Glycerol
Dinatriumedetaat
Polyvinylalcohol
Water voor injecties.
6.2 Gevallen van onverenigbaarheid
Niet van toepassing.
6.3 Houdbaarheid
2 jaar
Geopende verpakking: 8 weken.
6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Bewaren beneden 25 °C. Niet in de vriezer bewaren.
6.5 Aard en inhoud van de verpakking
Witte LDPE-fles, voorzien van een witte dop met druppelpipet van HDPE en siliconen, met een blauwe punt en een witte HDPE-dop, die 5 ml of 10 ml oplossing bevat.
Verpakkingen met 1, 2 of 3 fles(sen) (5 ml) en verpakking met 1 fles (10 ml).
Het is mogelijk dat niet alle genoemde verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies
Al het ongebruikte geneesmiddel of afvalmateriaal dient in overeenstemming met lokale voorschriften te worden vernietigd.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Santen Oy
Niittyhaankatu 20
33720 Tampere
Finland
8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
RVG 121902
9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/VERLENGING VAN DE VERGUNNING
Datum van eerste verlening van de vergunning: 22 juni 2018 Datum van laatste verlenging: 24 februari 2020
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Laatste gedeeltelijke wijziging betreft rubriek 9: 2 april 2021
