SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Broomhexine HCl
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Broomhexine HCl 8 mg, tabletten
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Bevat per tablet 8 mg broomhexinehydrochloride.
Hulpstoffen met bekend effect: bevat 83,7 mg lactose per tablet.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek: 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Tablet
Witte ronde tabletten met aan een kant een breukstreep.
De tablet kan worden verdeeld in gelijke doses.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Bij vastzittende hoest, ter vergemakkelijking van het ophoesten indien dit door taai slijm wordt bemoeilijkt.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
Volwassenen en kinderen ouder dan 10 jaar
3 maal daags een halve tot twee tabletten (= 4 tot 16 mg per keer).
Kinderen van 5 tot 10 jaar
3 maal daags een halve tot één tablet (= 4 tot 8 mg per keer).
Pediatrische patiënten
Gecontra-indiceerd voor gebruik bij kinderen onder 2 jaar (zie rubriek 4.3).
Niet geschikt voor gebruik bij kinderen onder de 5 jaar.
Wijze van toediening
De tablet kan worden verdeeld in gelijke doses.
Neem de tablet in met een half glas water.
4.3 Contra-indicaties
- Overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of voor één van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
- Kinderen onder 2 jaar.
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik
Als de symptomen van een acute luchtwegaandoening niet snel verbeteren of erger worden tijdens het gebruik moet medisch advies worden gezocht.
Bij patiënten met een ulcus pepticum of een ulcus pepticum in de anamnese is terughoudendheid geboden. Patiënten moeten bedacht zijn op een toename in de secretie-flow in de luchtwegen.
Er zijn meldingen gemaakt van ernstige huidreacties zoals erythema multiforme, Stevens-Johnson-syndroom (SJS)/toxische epidermale necrolyse (TEN) en acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP) die gerelateerd zijn aan de toediening van broomhexinehydrochloride. Als er tekenen of symptomen zijn van een voortschrijdende huiduitslag (soms gepaard gaande met blaren of symptomen zijn van een voortschrijdende huiduitslag (soms gepaard gaande met blaren of beschadigde slijmvliezen), dient behandeling met broomhexinehydrochloride direct te worden stopgezet en medisch advies te worden ingewonnen.
Hulpstoffen
De tablet bevat lactose. Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, Lapp lactasedeficiëntie of glucose-galactose malabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Gelijktijdig gebruik van broomhexine met antibiotica (amoxicilline, cefuroxim, doxycycline, erytromycine) leidt tot hogere antibioticaspiegels in het longweefsel.
Er zijn geen klinisch relevante negatieve interacties bekend.
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding
Zwangerschap
Broomhexine passeert de placenta. Hoewel gepubliceerde gegevens ontbreken, wijst ruime niet-gedocumenteerde ervaring met het gebruik van broomhexine tijdens de zwangerschap niet op schadelijke effecten bij de foetus. Gegevens uit dierproeven geven geen aanwijzingen voor directe of indirecte schadelijke effecten op de zwangerschap, embryonale/foetale ontwikkeling, geboorte of postnatale ontwikkeling. Daar gepubliceerde gegevens ontbreken, verdient het de voorkeur uit voorzorg Broomhexine HCl 8 mg niet tijdens de zwangerschap te gebruiken, tenzij duidelijk noodzakelijk.
Borstvoeding:
Broomhexine gaat over in de moedermelk, het gebruik van broomhexine tijdens de lactatieperiode dient daarom vermeden te worden.
Vruchtbaarheid
Er zijn geen studies verricht naar het effect van broomhexine op de vruchtbaarheid bij de mens. Beschikbare preklinische gegeven laten zien dat er als gevolg van het gebruik van broomhexine geen effecten op de vruchtbaarheid zijn te verwachten.
4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Er zijn geen studies verricht naar het effect van Broomhexine HCl 8 mg op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen. Bij het gebruik van broomhexine kan duizeligheid optreden (zie rubriek 4.8: Bijwerkingen). Hiermee moet rekening gehouden worden bij activiteiten zoals het besturen van voertuigen en het bedienen van machines.
4.8 Bijwerkingen
Bijwerkingen worden gerangschikt in volgorde van frequentie, de meest frequente eerst, gebruik makend van de volgende overeenkomst:
Zeer vaak (≥1/10)
Vaak (≥1/100, <1/10)
Soms (≥1/1.000, <1/100)
Zelden (≥1/10.000, <1/1.000)
Zeer zelden (<1/10.000)
Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)
Tabel van bijwerkingen per orgaansysteem
| Orgaansysteem | Frequentie |
| Immuunsysteemaandoeningen | |
| Overgevoeligheidsreacties | zelden |
| Anafylactische reacties, inclusief anafylactische shock, angio-oedeem en pruritus | niet bekend |
| Zenuwstelselaandoeningen | |
| Duizeligheid | soms |
| Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen | |
| Bronchospasmen | niet bekend |
| Maagdarmstelselaandoeningen | |
| Milde gastro-intestinale bijwerkingen | vaak |
| Pijn in de bovenbuik | soms |
| Misselijkheid | soms |
| Braken | soms |
| Diarree | soms |
| Huid- en onderhuidaandoeningen | |
| Huiduitslag | zelden |
| Urticaria | zelden |
| Ernstige bijwerkingen van de huid (inclusief erythema multiforme, Stevens-Johnson-syndroom/toxische epidermale necrolyse en acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose) | niet bekend |
| Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen | |
| Transpireren | soms |
| Onderzoeken | |
| Transaminasen verhoogd | soms |
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website www.lareb.nl.
4.9 Overdosering
Specifieke symptomen van overdosering zijn niet waargenomen. Uit rapporten over onbedoelde overdosering of medicatiefouten blijkt dat de waargenomen symptomen vergelijkbaar zijn met de bekende bijwerkingen van Broomhexine HCl 8 mg bij gebruik van de aanbevolen dosering. Deze symptomen vergen mogelijk symptomatische behandeling.
5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Farmacotherapeutische categorie: mucolytica, ATC-code: R05CB02.
Broomhexine is een synthetisch derivaat van de plantaardige actieve stof vascine. Preklinisch is aangetoond dat broomhexine het vloeibare gedeelte van het bronchussecreet vergroot. Broomhexine bevordert de slijmafvoer door de viscositeit te verminderen en door het ciliaire epitheel te activeren (bevordering van de mucociliaire klaring).
In klinische studies had broomhexine een secretolytisch effect in de luchtwegen, waardoor het ophoesten wordt vergemakkelijkt en de hoestprikkel vermindert.
Gelijktijdig gebruik van broomhexine en antibiotica (amoxicilline en erythromycine) leidt tot hogere antibioticaspiegels in het sputum en bronchopulmonair secreet.
5.2 Farmacokinetische gegevens
Absorptie
Biologische beschikbaarheid van broomhexine uit vaste formuleringen en drank (oplossing) vergelijkbaar. De absolute biologische beschikbaarheid van broomhexine tabletten bedraagt 22,2 ± 8,5 % en 26,8 ± 13,1 % van broomhexine drank. Het first-pass effect van broomhexine is ongeveer 75 %-80 %. Wanneer broomhexine tegelijkertijd wordt ingenomen met voedsel neemt de plasmaspiegel van broomhexine toe. Na orale toediening nemen de Cmax en AUC-waarden proportioneel toe met de dosis over een range van 8-32 mg. Steady-state plasmaspiegels worden na 3 dagen bereikt. Er is geen accumulatie na toediening van meervoudige doses.
Distributie
Broomhexine is voor het grootste gedeelte (95%) aan plasma-eiwitten gebonden. Na intraveneuze toediening wordt broomhexine snel door het hele lichaam verdeeld met een verdelingsvolume van 1209 ± 206 liter. De distributie in longweefsel (bronchiaal en parenchymaal) is onderzocht na orale toediening van 32 mg en 64 mg broomhexine. Twee uur na de toediening waren in vergelijking met plasmaspiegels de concentraties in bronchiaal longweefsel 1,5 tot 4,5 keer hoger en in parenchymaal longweefsel 2,4 tot 5,9 keer hoger. Uit dierproeven is gebleken dat broomhexine de bloedhersenbarrière en de placenta passeert. Verwacht wordt dat de stof wordt uitgescheiden in de moedermelk.
Metabolisme
Broomhexine wordt bijna geheel in de lever gemetaboliseerd door middel van N-demethylatie en hydroxylatie gevolgd door glucuronidering en sulfatering. Ten minste 10 verschillende broomhexinemetabolieten zijn in het plasma aangetoond, waaronder de farmacologisch actieve metaboliet ambroxol.
Eliminatie:
Na toediening van radioactief broomhexine werd 97,4 ±1,9 % van de dosis als radioactiviteit teruggevonden in de urine, waarvan minder dan 1 % in ongemetaboliseerde vorm. De plasmaspiegel van broomhexine laat een multiexponentiele afname zien. De eliminatiehalfwaardetijd varieerde tussen de 7 en 31 uur na toediening van één orale dosis over de dosis-range 8 en 32 mg. Van deze parameter zijn waardes met grote inter- en intra-individuele variabiliteit waargenomen.
Speciale groepen
Er zijn geen farmacokinetische gegevens over het gebruik van broomhexine bij ouderen of bij patiënten met lever- of nierinsufficiëntie. In het geval van ernstige leverinsufficiëntie kan een afname in de klaring van broomhexine worden verwacht; terwijl in het geval van ernstige nierinsufficiëntie accumulatie van de metabolieten niet kan worden uitgesloten. Ruime klinische ervaring bij deze patiëntgroepen hebben echter geen relevante veiligheidsrisico’s aangetoond.
5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek
Geen bijzonderheden.
6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS
6.1 Lijst van hulpstoffen
Microkristallijne cellulose (E460i)
Lactose
Natriumzetmeelglycollaat
Colloïdaal siliciumdioxide (E551)
Stearinezuur (E570)
Magnesiumstearaat (572)
6.2 Gevallen van onverenigbaarheid
Niet van toepassing.
6.3 Houdbaarheid
- 5 jaar in PP-tablettencontainer en PVC/Al-strips.
- 3 jaar in HD-PE tablettencontainer.
6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Bewaren beneden 25°C.
Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen vocht.
6.5 Aard en inhoud van de verpakking
- Polypropyleen tablettencontainer met polyethyleen dop (Securitainer): inhoud vanaf 30 tabletten per tablettencontainer.
- High-Density-Polyethyleen tablettencontainer met polypropyleen schroefdop (Jaysquare) met 30 en 90 tabletten per tablettencontainer.
- Poylvinylchloride/Aluminium strips met 10 tabletten per strip.
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.
6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen
Geen bijzondere vereisten.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Basic Pharma Manufacturing B.V.
Burgemeester Lemmensstraat 352
6163 JT Geleen
Tel. : 088 2554 010
E-mail: info@basicpharma.nl
8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
RVG 56675
9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/VERLENGING VAN DE VERGUNNING
Datum van eerste verlening van de vergunning: 8 september 1986.
Datum van verlenging van de vergunning: 8 september 2016.
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Laatste gedeeltelijke wijziging betreft de rubrieken 4.4, 4.8 en 9: 20 december 2018.
