Bijsluiter-info.nl

VERDYE – SmPC

De SmPC is bedoeld voor zorgverleners. Begrijpelijke informatie voor patiënten staat in de bijsluiter: dosering, bijwerkingen, andere geneesmiddelen, zwangerschap en borstvoeding.

Bijgewerkt:
Feiten
Status:
Alleen op recept
Sterkte:
25 mg, 50 mg
Werkzame stof:

SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - VERDYE

1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

VERDYE 25 mg, poeder voor oplossing voor injectie

VERDYE 50 mg, poeder voor oplossing voor injectie

2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Iedere injectieflacon bevat 25 mg indocyanine groen (wordt gereconstitueerd met 5 ml water voor injectie).

Iedere injectieflacon bevat 50 mg indocyanine groen (wordt gereconstitueerd met 10 ml water voor injectie).

1 ml gereconstitueerde oplossing voor injectie bevat 5 mg indocyanine groen.

Voor een volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.

3. FARMACEUTISCHE VORM

Poeder voor oplossing voor injectie.

Donkergroen poeder.

4. KLINISCHE GEGEVENS

4.1 Therapeutische indicaties

Dit geneesmiddel is uitsluitend voor diagnostisch gebruik.

Diagnostische indicaties

Diagnostiek van hart, circulatie en microcirculatie:

  • meting van het hartminuutvolume en slagvolume
  • meting van circulerende bloedvolumes
  • meting van de cerebrale perfusie

Diagnostiek van de leverfunctie:

  • meting van de bloeddoorstroming in de lever
  • meting van de excretiefunctie van de lever

Oogangiografie:

  • meting van de perfusie van de choroidea

Intraoperatieve identificatie van schildwachtlymfeklieren en visualisatie van lymfebanen bij borstkanker

4.2 Dosering en wijze van toediening

Dosering

De enkelvoudige dosis per meting bij volwassenen, bejaarden, adolescenten, kinderen:

Diagnostiek van hart, circulatie, microcirculatie en weefselperfusie evenals de cerebrale doorbloeding: 0,1 tot 0,3 mg/kg lichaamsgewicht als intraveneuze bolusinjectie

Leverfunctie diagnostiek: 0,25 tot 0,5 mg/kg lichaamsgewicht als intraveneuze bolusinjectie

Oogangiografie: 0,1 tot 0,3 mg/kg lichaamsgewicht als intraveneuze bolusinjectie

Identificatie van schildwachtlymfeklieren en visualisatie van lymfebanen ongeacht het lichaamsgewicht:

5 tot 10 mg per injectie (intradermaal, subcutaan of peritumoraal). Dit komt overeen met 1 tot 2 ml van de gereconstitueerde 5 mg/ml-oplossing. Het volume per injectie mag niet groter zijn dan 2 ml. Als er hogere verdunningen (< 5 mg/ml) worden gebruikt, kunnen er ook grotere volumes per injectie worden toegediend (bv. om een concentratie indocyaninegroen van 2,5 mg/ml te verkrijgen, kan de gereconstitueerde oplossing verder worden verdund met 5 ml of 10 ml water voor injecties, afhankelijk van de grootte van de injectieflacon).

Totale dagelijkse dosis bij volwassenen, ouderen, adolescenten, kinderen:

Volwassenen, bejaarden en adolescenten van 11 – 18 jaar:

De totale dagelijkse dosis van VERDYE moet onder de 5 mg/kg lichaamsgewicht blijven.

Kinderen van 2 – 11 jaar:

De totale dagelijkse dosis moet onder de 2,5 mg/kg lichaamsgewicht blijven.

Kinderen van 0 – 2 jaar:

De totale dagelijkse dosis moet onder de 1,25 mg/kg lichaamsgewicht blijven.

Pediatrische patiënten

Enkelvoudige doses die bij kinderen moeten worden gebruikt, zijn dezelfde als die voor volwassenen, maar de totale dagelijkse dosis moet lager zijn dan 2,5 mg/kg lichaamsgewicht bij kinderen van 2 - 11 jaar en lager dan 1,25 mg/kg lichaamsgewicht bij kinderen van 0 - 2 jaar.

Patiënten met een nierinsufficiëntie

VERDYE is niet formeel onderzocht bij patiënten met nierinsufficiëntie. Voor deze patiëntenpopulatie is geen specifiek doseringsadvies beschikbaar. Patiënten met ernstige nierinsufficiëntie moeten zorgvuldig worden gemonitord voor bijwerkingen (zie rubriek 4.4).

Patiënten met een leverinsufficiëntie

VERDYE is niet formeel onderzocht bij patiënten met leverinsufficiëntie. Voor deze patiëntenpopulatie is geen specifiek doseringsadvies beschikbaar. Bij patiënten met ernstige leverinsufficiëntie (bijv. alcoholische of biliaire cirrose) kan de plasmaklaring van indocyaninegroen verminderd zijn.

Identificatie van schildwachtlymfeklieren en visualisatie van lymfebanen

Voor het identificeren van schildwachtlymfeklieren en het visualiseren van lymfebanen mag de totale dagelijkse dosis VERDYE niet hoger zijn dan 10 mg; het gebruik bij kinderen en adolescenten wordt afgeraden vanwege onvoldoende gegevens over veiligheid en werkzaamheid.

Wijze van toediening

Voor de toediening moet het poeder worden gereconstitueerd met water voor injectie. Voor instructies over reconstitutie van het geneesmiddel voorafgaand aan toediening, zie rubrieken 6.2 en 6.6. De gereconstitueerde oplossing moet helder zijn en vrij van deeltjes.

VERDYE wordt toegediend via intraveneuze, intradermale, subcutane of peritumorale injectie.

Methodes van meting

Het absorptie- en emissie maximum van indocyanine groen zijn beide in het nabij- infrarood spectrum gelegen, het absorptiemaximum bij 800 nm en het emissiemaximum voor fluorescentiemeting bij 830 nm.

In in-vitro-tests blijft indocyanine groen verschillende dagen stabiel in humaan serum. Opgelost in water vertoont indocyanine groen slechts gedurende een paar uur geen waarneembare afbraak.

Diagnostische onderzoeken met VERDYE moeten worden uitgevoerd onder de supervisie van een arts.

Meting van hart, circulatie en cerebrale doorbloeding evenals leverfunctiediagnostiek en oogangiografiediagnostiek

Voor diagnostiek van hart, bloedsomloop, microcirculatie en leverfunctie, en voor oftalmologische angiografie, VERDYE is bedoeld voor intraveneuze injectie via een injectienaald, een centrale, perifere of hartkatheter.

De toediening en de plaats van VERDYE zijn van doorslaggevend belang voor de kwaliteit van de metingen. In principe, om de optimale kwaliteit first pass indicator verdunningscurven te verkrijgen, dient de injectie zo dicht mogelijk bij het vaatbed, orgaan of te onderzoeken weefsel plaats te vinden.

Bij perifere intraveneuze injectie moet venapunctie worden uitgevoerd na het aanbrengen van een tourniquet. Nadat de tourniquet is losgemaakt, moet VERDYE onmiddellijk worden geïnjecteerd en moet de arm worden opgetild. Dit garandeert een vlugge verplaatsing van de kleurstof van de plaats van injectie en perifere injectie is dan praktisch gelijkwaardig aan centrale veneuze injectie.

De oppervlaktes onder de first pass curve, de passage tijd, de halfwaardetijd, de plasma-eliminatiesnelheid en de retentietijd van VERDYE kan worden bepaald:

a. niet-invasief door intermitterende kleurstof densitometrie of nabij-infrarood spectroscopie. b. invasief door vezeloptische sondes/katheters in geschikte venen.

c. conventioneel door bepaling van de concentratie door ofwel continue onttrekking van bloed behandeld met heparine door een cuvette densitometer of door het nemen van bloedmonsters en het meten van de plasmaconcentratie met behulp van een fotometer.

Evaluatie van de fundus perfusie in de oogangiografie

De perfusie van de oogfundus kan door oftamologische fluorescentieangiografie worden bepaald en gemeten.

Meting van de weefselperfusie

Weefselperfusie van de superficiële weefsel lagen kan zichtbaar worden gemaakt en worden gemeten door nabij-infrarood fluorescentie video angiografie.

Identificatie van schildwachtlymfeklieren en visualisatie van lymfebanen

Vanwege de eiwitbindingsgraad van VERDYE in de lymfevocht kunnen de schildwachtlymfeklieren in beeld worden gebracht door middel van fluorescentieangiografie.

Voor de identificatie van schildwachtlymfeklieren en de visualisatie van lymfebanen bij borstkanker wordt VERDYE geïnjecteerd in een gebied dat zich stroomopwaarts van de beoogde lymfeklieren bevindt en dat door deze wordt afgevoerd. De injectie kan intradermaal, subcutaan (interstitieel) of ook peritumoraal zijn. Het is mogelijk om het transport van indocyaninegroen naar de schildwachtlymfeklieren te versnellen door borstmassage. De beeldvorming kan binnen de 15 minuten na de injectie worden gestart.

Transcutane detectie van schildwachtlymfeklieren wordt uitgevoerd met een nabij-infrarood fluorescentiebeeldvormingssysteem dat de ICG-fluorescentie visualiseert. De geschiktheid van het nabij-infrarood fluorescentiebeeldvormingssysteem voor de detectie van schildwachtlymfeklieren moet vooraf worden getest.

4.3 Contra-indicaties

VERDYE is contra-geïndiceerd wegens veiligheidsredenen:

  • bij patiënten met een overgevoeligheid voor indocyanine groen of voor natriumjodide tenzij speciale voorzorgsmaatregelen worden genomen,
  • bij patiënten met een overgevoeligheid voor jodium,
  • bij patiënten met hyperthyroïdie, patiënten met autonoom thyroïdaal adenoma.
  • aangezien in-vitro experimenten hebben aangetoond dat indocyanine groen bilirubine verdringt van zijn eiwitbinding, mag VERDYE niet worden gebruikt bij vroeg geboren of pasgeboren kinderen waarbij een wisseltransfusie is geïndiceerd omwille van hyperbilirubinemie,
  • indien in het verleden injectie van VERDYE slecht werd verdragen, mag het niet opnieuw worden gebruikt, daar ernstige anafylactische reacties zouden kunnen optreden.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

Daar ernstige anafylactische reacties zouden kunnen voorkomen na toepassing van VERDYE, mag het enkel worden toegediend onder supervisie van een arts en reanimatiefaciliteiten voor noodgevallen moeten beschikbaar zijn voor onmiddellijk gebruik. Patiënten moeten ten minste een uur na toediening van indocyaninegroen worden gecontroleerd op het optreden van overgevoeligheidsreacties.

  • Als gevolg van een verhoogde toename van bijwerkingen bij patiënten met ernstige nierinsufficiëntie, mag VERDYE enkel worden toegediend na zorgvuldig afwegen van de voor- en nadelen.
  • Heparine preparaten die natriumbisulfiet bevatten verminderen de absorptiepiek van indocyanine groen in bloedplasma en bloed, en mogen daardoor niet worden gebruikt als anticoagulans bij het verzamelen van monsters voor analyse.
  • Indocyanine groen is stabiel in plasma en bloed zodat monsters die verkregen zijn via discontinue monstertechnieken uren later kunnen worden gelezen. De behandeling van de kleurstofoplossing moet steeds in steriele omstandigheden plaatsvinden.
  • De jodiuminhoud van VERDYE kan interfereren met schildkliertesten die werden uitgevoerd kort voor of kort na toediening van de kleurstof. Daardoor mogen onderzoeken met radioactieve jodiumopname niet worden uitgevoerd tot minstens een week na toediening van VERDYE.
  • Wanneer VERDYE intradermaal of subcutaan wordt toegediend, moet patiënten worden geadviseerd om directe zon- of UV-straling te vermijden gedurende ten minste 1 week of totdat een eventuele groenachtige verkleuring op de injectieplaats is verdwenen.
  • De identificatie van schildwachtlymfeklieren en de visualisatie van lymfebanen kunnen worden belemmerd als ze zich in diepere weefsellagen bevinden of bedekt zijn met vetweefsel. Evenzo kan bij patiënten met uitgesproken obesitas (BMI > 40) het waarnemen van schildwachtlymfeklieren en de visualisatie van lymfebanen bemoeilijkt worden.

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Betreffende onverenigbaarheden met oplosmiddelen voor verdunning zie rubriek 6.6.

De klaring van indocyanine groen kan worden beïnvloed door geneesmiddelen die interfereren met de leverfunctie.

Probenicid en sommige van zijn metabolieten kunnen in de gal worden afgescheiden, en kunnen op die manier de galafscheiding van indocyanine groen onderdrukken wat kan leiden tot een verzwakte indocyanine groen leverfunctie test.

Het gelijktijdig gebruik van bepaalde geneesmiddelen en injectievloeistoffen kan de absorptie veranderen. De absorptie wordt verminderd door injectievloeistoffen die natriumbisulfiet bevatten (in het bijzonder in combinatie met heparine). De volgende lijst geeft een overzicht van interacties met andere geneesmiddelen:

  • Geneesmiddelen die de absorptie kunnen verminderen:

    • anticonvulsiva
    • bisulfiet verbindingen
    • haloperidol
    • heroïne
    • pethidine
    • metamizol
    • methadon
    • morfine
    • nitrofurantoïne
    • opium alkaloïden
    • fenobarbital
    • fenylbutazon
  • Geneesmiddelen die de absorptie kunnen verhogen:

    • cyclopropaan
    • probenecid
    • rifamycine

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding

Zwangerschap Gegevens afkomstig uit een onderzoek bij een beperkt aantal (242) zwangerschappen laten geen nadelige effecten zien van indocyanine groen op de zwangerschap of op de gezondheid van de foetus/pasgeboren kind. Tot op heden zijn er geen andere relevante epidemiologische gegevens beschikbaar. Er zijn geen studies betreffende reproductie, teratogeniteit of carcinogene eigenschappen uitgevoerd bij dieren. Het potentiële risico voor de mens is onbekend.

Voorzichtigheid is geboden bij gebruik in zwangere vrouwen. Herhaalde toepassingen op één dag moeten worden vermeden.

Borstvoeding

Het is niet bekend of dit geneesmiddel in de moedermelk wordt uitgescheiden. Omdat vele geneesmiddelen in moedermelk worden uitgescheiden, moet men voorzichtig zijn wanneer indocyanine groen wordt toegediend aan een moeder die borstvoeding geeft.

Vruchtbaarheid

Er zijn geen gegevens over het effect van indocyaninegroen op de vruchtbaarheid.

4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Er werden geen studies uitgevoerd naar de effecten op het vermogen om te rijden of om machines te bedienen.

4.8 Bijwerkingen

De evaluatie van bijwerkingen is gebaseerd op de volgende definities voor frequentie:

Zeer vaak (≥1/10)

Vaak (≥1/100, <1/10)

Soms (≥1/1.000, <1/100)

Zelden (≥1/10.000, <1/1.000)

Zeer zelden (<1/10.000)

Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

Anafylactische of urticariële reacties werden gerapporteerd bij patiënten met of zonder voorgeschiedenis van allergie ten opzichte van jodiden.

Ook werden in zeer zeldzame gevallen spasmen van de kransslagader beschreven. Verder is er melding gemaakt van omkeerbare groenachtige verkleuring van de huid op de injectieplaats na paravasale (intradermale, subcutane) toepassing van indocyaninegroen.

Het is bekend dat injectie van indocyanine groen preparaten in zeer zeldzame gevallen misselijkheid en anafylactoïde of anafylactische reacties (<1/10.000) kan veroorzaken. Bij patiënten met terminale renale insufficiëntie lijkt de mogelijkheid dat een anafylactische reactie optreedt, verhoogd. Symptomen die moeten worden vermeld zijn: onrust, gevoel van warmte, pruritus, urticaria, versnelling van de hartfrequentie, daling van de bloeddruk en kortademigheid, bronchospasmen, blozen, hartstilstand, laryngospasmen, gezichtsoedeem, nausea. Samen met de anafylactoïde reactie kan hypereosinofilie voorkomen.

Als, in tegenstelling met de verwachtingen, de symptomen van anafylaxie voorkomen, moeten de volgende maatregelen onmiddellijk worden getroffen:

  • stop de verdere toediening van VERDYE
  • laat de injectiekatheter of -canule in de ader
  • houd de luchtwegen vrij
  • injecteer 100 – 300 mg hydrocortisone of een gelijkwaardig preparaat door middel van vlugge intraveneuze injectie
  • volumesubstitutie met een isotone elektrolytoplossing
  • geef zuurstof, controleer de circulatie
  • trage intraveneuze toediening van antihistamine

De volgende bijkomende maatregelen zijn aangewezen in geval van anafylactische shock:

  • plaats de patiënt in een achterover liggende houding met de benen omhoog
  • vlugge volumesubstitutie met b.v. isotone elektrolytoplossing (drukinfuus), plasma-expanders
  • onmiddellijke intraveneuze toediening van 0,1 – 0,5 mg adrenaline (epinephrine) verdund tot 10 ml met 0,9 % fysiologische zoutoplossing (na 10 minuten herhalen indien noodzakelijk)

Huidreacties met urticaria kwamen zeer zelden voor (<1/10.000).

Lijst met bijwerkingen in tabelvorm

Systeem/orgaanklasseFrequentieBijwerking
Immune system disordersZeer zeldenAnafylactoïde reactie, anafylactische reactie
HartaandoeningenZeer zeldenKransslagaderspasme
MaagdarmstelselaandoeningenZeer zeldenMisselijkheid
Huid- en onderhuidaandoeningenZeer zeldenUrticaria
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissenNiet bekendVerkleuring van de injectieplaats

Melding van vermoedelijke bijwerkingen

Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, Website: www.lareb.nl.

4.9 Overdosering

Tot op heden werden er geen gevallen van overdosering of

laboratoriumbevindingen betreffende overdosering van VERDYE gemeld.

5. PHARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN

5.1 Farmacodynamische eigenschappen

Farmacotherapeutische categorie: Diagnostische middelen, Andere diagnostische geneesmiddelen

ATC code: V04CX01

Het actief bestanddeel in VERDYE is indocyanine groen.

De moleculaire formule is C43H47N2NaO6S2. Het moleculair gewicht bedraagt 774,96 dalton.

Indocyanine groen heeft een scherp gedefinieerde spectrale piekabsorptie van nabij- infrarood licht bij 800 nm in bloed, plasma en lymfevocht. Dit is de zelfde golflengte waarbij de optische dichtheid van geoxideerde hemoglobine in bloed ongeveer gelijk is aan die van gereduceerde hemoglobine. Daardoor maakt deze samenvallende lichtabsorptie het mogelijk om indocyanine groen concentraties te meten in bloed, plasma, serum en lymfevocht in termen van zijn optische dichtheid bij 800 nm, onafhankelijk van de schommelingen op het niveau van de zuurstofverzadiging.

Indocyanine groen maakt het vastleggen van de indicator verdunningscurven mogelijk voor zowel diagnostische als voor onderzoeksdoeleinden.

Indocyanine groen vertoont geen farmacologische effecten na intraveneuze, intradermale, subcutane of peritumorale toediening.

Voor het gebruik van indocyaninegroen voor het identificeren van schildwachtlymfeklieren bij borstkanker werden bibliografische gegevens van 21 studies geanalyseerd. In totaal ondergingen meer dan 2.168 patiënten procedures voor beeldvorming met indocyaninegroen. Het gemiddelde detectiepercentage van schildwachtlymfeklieren was meer dan 97,4 % en het gemiddelde aantal schildwachtlymfeklieren dat per patiënt werd gedetecteerd varieerde over het algemeen tussen 2,0 en 3,0. De klinische veiligheidsgegevens van deze patiëntenpopulatie wezen niet op nieuwe veiligheidsproblemen in deze klinische setting.

5.2 Farmacokinetische gegevens

Absorptie

Na intradermale, subcutane en peritumorale injectie komt indocyaninegroen via de lymfevaten in de lymfeklieren terecht en wordt vervolgens afgevoerd naar de bloedbaan. Er zijn geen farmacokinetische gegevens beschikbaar voor mensen, maar gegevens van dieren wijzen op zeer lage plasmaconcentraties van indocyaninegroen.

Distributie

Na injectie ondergaat indocyanine groen geen significante extrahepatische of enterohepatische circulatie; simultane arteriële en veneuze bloedbepalingen hebben aangetoond dat nier, perifere en long opname van de kleurstof verwaarloosbaar is. Bij gezonde vrijwilligers kan indocyanine groen niet worden aangetoond in zowel urine als in cerebrospinale vloeistof. Indocyanine groen

passeert de placenta barrière niet. Het distributievolume komt overeen met het bloedvolume. Na orale of rectale toediening wordt indocyanine groen niet geabsorbeerd door het darmkanaal.

Eiwitbinding

Na intraveneuze injectie, wordt indocyanine groen snel gebonden aan het plasma-eiwit, waarvan het bèta apolipoproteïne B de belangrijkste drager is (95 %). In het lymfevocht en in het interstitium bindt indocyaninegroen zich bij voorkeur aan albumine.

Biotransformatie

Indocyanine groen wordt niet gemetaboliseerd.

Eliminatie

Na intraveneuze toediening is de eliminatie van indocyaninegroen uit het plasma tweefasig, met een initiële eliminatie halfwaardetijd t1/2 van 3 - 4 min en een secundaire fase met een doseringsafhankelijke t1/2 van ongeveer 60 - 80 min. Na intradermale, subcutane en peritumorale toepassing kan de t1/2 verlengd worden.

Indocyanine groen wordt bijna uitsluitend door de parenchymatische cellen van de lever uit het plasma opgenomen met een maximum opnamesnelheid (transport maximum: Tm) van ongeveer 0,1 mg/minuut/kg en wordt in niet-gemetaboliseerd en niet-geconjugeerde vorm volledig in de gal uitgescheiden. De maximale concentratie in de gal wordt bereikt na ongeveer ½ tot 2 uur afhankelijk van de geïnjecteerde hoeveelheid.

Na obstructie in de gal, verschijnt de kleurstof in de leverlymfe, onafhankelijk van de gal, wat doet veronderstellen dat de galmucosa voldoende intact is om diffusie van de kleurstof te verhinderen, maar wel diffusie van de bilirubine toelaat.

Daar indocyanine groen niet opnieuw wordt geabsorbeerd in de darm is er geen enterohepatische circulatie.

5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek

Acute toxiciteit: de LD50 na éénmalige i.v. dosering was 87 mg/kg bij ratten, 60 mg/kg bij muizen, en tussen 50 mg/kg en 80 mg/kg bij konijnen. Na oplossing in water voor injectie en toediening door intraperitoneale injectie bij muizen was de LD50 650 mg/kg lichaamsgewicht. Geen macroscopische of histopathologische veranderingen werden waargenomen.

Genotoxiciteit: indocyanine groen was niet mutageen in de uitgevoerde testen (Ames test, gen mutatie test - thymidine kinase locus/TK+/- - in muis lymfoom L5178Y cellen, chromosoom aberratie test bij Chinese hamster V79 cellen).

Er zijn geen studies over reproductie, teratogeniteit, of carcinogene eigenschappen in dieren beschikbaar. Maar decennia van ervaring bij mensen hebben geen incidentie van deze eigenschappen geopenbaard.

Milieurisicobeoordeling (MRB): Er wordt niet verwacht dat indocyaninegroen bij klinisch gebruik een risico vormt voor het milieu.

6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS

6.1 Lijst van hulpstoffen

Geen.

6.2 Gevallen van onverenigbaarheid

Dit geneesmiddel mag niet worden verdund met oplossingen die zouten bevatten (fysiologische zoutoplossing, Ringer-oplossing, enz) daar dit kan leiden tot neerslag van de kleurstof. Dit geneesmiddel mag niet worden gemengd met andere geneesmiddelen dan die vermeld zijn onder rubriek 6.6.

6.3 Houdbaarheid

5 jaar.

Na reconstitutie, moet de oplossing onmiddellijk worden gebruikt, beschermd tegen invloed van licht.

6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren

Niet bewaren boven 30 °C. De injectieflacons in de buitenverpakking bewaren ter bescherming tegen invloed van licht. Voor de bewaarcondities van het geneesmiddel na reconstitutie, zie rubriek 6.3.

6.5 Aard en inhoud van de verpakking

Container: amberkleurige glazen injectieflacon (type I)

Sluiting: rubberstop (broombutyl, grijs) vastgemaakt door een aluminium kapje bedekt door een polypropyleen beschermkapje Verpakkingsgrootten:

5 injectieflacons, elk met een inhoud van 25 mg poeder voor oplossing voor injectie. 5 injectieflacons, elk met een inhoud van 50 mg poeder voor oplossing voor injectie.

Het is mogelijk dat niet alle genoemde verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.

6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies

Dit geneesmiddel moet onmiddellijk voor gebruik worden gereconstitueerd. Dit geneesmiddel wordt gereconstitueerd door toevoeging van respectievelijk 5 ml water voor injectie bij de injectieflacon die 25 mg van het actief bestanddeel bevat of 10 ml water voor injectie bij de injectieflacon die 50 mg van het actieve bestanddeel bevat. In beide gevallen wordt een donkergroene oplossing voor injectie verkregen met een concentratie van 5 mg/ml (0.5 % w/v).

Inspecteer visueel de gereconstitueerde oplossing. Indien er een onverenigbaarheid wordt geconstateerd in de vorm van een troebele oplossing moet de gereconstitueerde oplossing onmiddellijk worden weggegooid.

Gebruik enkel heldere oplossingen zonder zichtbare deeltjes.

Dit geneesmiddel is alleen geschikt voor éénmalig gebruik.

Al het ongebruikte geneesmiddel of afvalmateriaal dient in overeenstemming met lokale voorschriften te worden vernietigd.

7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

Diagnostic Green Limited

Athlone Business and Technology Park

Garrycastle, Athlone, Co. Westmeath

N37 F786, Ierland

Tel.: +353 90 646 5499

E-mail: info@diagnosticgreen.com

8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

RVG 31052 (25 mg)

RVG 31116 (50 mg)

9. DATUM VAN EERSTE VERGUNNING/HERNIEUWING VAN DE VERGUNNING

Datum van eerste verlening van de vergunning: 17 Februari 2005 Datum van laatste verlenging: 15 Oktober 2007

10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST

Laatste gedeeltelijke wijziging betreft rubriek 6.5: 24 april 2026.

Over dit document

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank · Registratienummer: RVG 31116

Datum van herziening volgens de tekst: 24-04-2026

Een fout gevonden? Schrijf ons via de contactpagina.

De informatie op deze website vervangt niet het advies van uw arts of apotheker.

Gegevens over het medicijn VERDYE

Afleverstatus
Alleen op recept?
  • Afleverstatus: alleen op recept (UR, uitsluitend recept)
Werkzame stof Indocyanine groen
Toedieningsweg Intraveneus gebruik
Hulpstoffen Stikstof (head space) (e 941)
ATC-indeling
  1. V Diverse geneesmiddelgroepen
    1. V04 Diagnostica
      1. V04C Overige diagnostica
        1. V04CX Overige diagnostica
          1. V04CX01 Indocyanine groen
Registratiehouder Diagnostic Green Ltd.
Sterkten en vormen
  • 25 mg poeder voor oplossing voor injectie 31052
  • 50 mg poeder voor oplossing voor injectie 31116
Registratie 31052, 31116

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank, gegevens van 31-10-2026. Gegevens uit de Geneesmiddeleninformatiebank van het CBG-MEB, zonder garantie. Ze vervangen niet het advies van uw arts of apotheker.