Bijsluiter: gebruik, bijwerkingen, dosering - Nevolat
1. Wat is Nevolat en waarvoor wordt dit medicijn gebruikt?
Wat is Nevolat?
Nevolat is een medicijn voor gewichtsverlies dat de werkzame stof liraglutide bevat. Het is vergelijkbaar met een natuurlijk voorkomend hormoon dat glucagon-like peptide-1 wordt genoemd (GLP-1) dat vrijkomt uit de darmen na een maaltijd. Nevolat werkt in op receptoren in de hersenen die uw eetlust regelen en zorgt dat u zich voldaan en minder hongerig voelt. Dit kan u helpen om minder te eten en uw lichaamsgewicht te verlagen.
Waarvoor wordt dit medicijn gebruikt?
Nevolat wordt gebruikt voor gewichtsverlies als aanvulling op een dieet en lichaamsbeweging bij volwassenen vanaf 18 jaar met:
- een BMI van 30 kg/m² of hoger (zwaarlijvigheid) of
- een BMI tussen 27 kg/m² en 30 kg/m² (overgewicht) die gewichtsgerelateerde gezondheidsproblemen hebben (zoals diabetes, hoge bloeddruk, abnormale vetgehalten in het bloed of ademhalingsmoeilijkheden tijdens de slaap, ook wel ‘obstructieve slaapapneu’ genoemd).
BMI (Body Mass Index) is een index voor het gewicht in verhouding tot de lichaamslengte.
U moet alleen doorgaan met het gebruik van Nevolat als u ten minste 5% van uw aanvankelijke lichaamsgewicht bent verloren na 12 weken gebruik van de dosis van 3,0 mg per dag (zie rubriek 3). Raadpleeg uw arts voordat u doorgaat.
Nevolat kan worden gebruikt als toevoeging aan gezonde voeding en verhoogde lichamelijke activiteit voor gewichtsbeheersing bij jongeren van 12 jaar en ouder met:
- zwaarlijvigheid (vastgesteld door uw arts)
- lichaamsgewicht boven 60 kg
U moet alleen doorgaan met het gebruik van Nevolat als u ten minste 4% van uw BMI bent verloren na 12 weken gebruik van de dosis van 3,0 mg/dag of de maximaal verdraagbare dosis (zie rubriek 3). Raadpleeg uw arts voordat u doorgaat.
Nevolat kan worden gebruikt als toevoeging aan gezonde voeding en verhoogde lichamelijke activiteit voor gewichtsbeheersing bij kinderen van 6 tot < 12 jaar met:
- zwaarlijvigheid (vastgesteld door uw arts)
- lichaamsgewicht van 45 kg of hoger.
U moet alleen doorgaan met het gebruik van Nevolat als u ten minste 4% van uw BMI bent verloren na 12 weken gebruik van de dosis van 3,0 mg/dag of de maximaal verdraagbare dosis (zie rubriek 3). Raadpleeg uw arts voordat u doorgaat.
Dieet en lichaamsbeweging
Uw arts zal u een dieet en een oefenprogramma voorschrijven. Houd u aan dit programma terwijl u Nevolat gebruikt.
2. Wanneer mag u dit medicijn niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?
- U bent allergisch voor een van de stoffen in dit medicijn. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6 van deze bijsluiter.
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit medicijn?
Neem contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige voordat u dit medicijn gebruikt.
Het gebruik van Nevolat wordt niet aanbevolen als u ernstig hartfalen heeft.
Er is weinig ervaring met dit medicijn bij patiënten van 75 jaar en ouder. Het wordt niet aanbevolen als u 75 jaar of ouder bent.
Er is beperkte ervaring met dit medicijn bij patiënten met nierproblemen. Als u een nierziekte heeft of wordt gedialyseerd, raadpleeg dan uw arts.
Er is beperkte ervaring met dit medicijn bij patiënten met leverproblemen. Als u een leverprobleem heeft, raadpleeg dan uw arts.
Dit medicijn wordt niet aanbevolen als u een ernstig maag- of darmprobleem heeft dat leidt tot een vertraagde maaglediging (dit heet gastroparese) of als u een chronische darmontsteking (IBD) heeft.
Als u weet dat u een operatie moet ondergaan waarbij u onder narcose (in slaap) wordt gehouden, vertel uw arts dan dat u dit medicijn gebruikt.
Mensen met diabetes
Als u diabetes heeft, mag u Nevolat niet gebruiken als vervanging voor insuline.
Ontsteking van de alvleesklier
Raadpleeg uw arts als u een aandoening van de alvleesklier (pancreas) heeft of heeft gehad.
Ontstoken galblaas en galstenen
Als u veel gewicht verliest, heeft u kans op het ontstaan van galstenen en daardoor ook op een ontstoken galblaas. Stop met het gebruik van Nevolat en raadpleeg onmiddellijk een dokter als u ernstige pijn in uw bovenbuik bemerkt, meestal het ergst aan de rechterkant onder de ribben. De pijn kan doortrekken naar uw rug of rechterschouder. Zie rubriek 4.
Schildklieraandoening
Als u een schildklieraandoening heeft, zoals schildklierknobbeltjes en een vergroting van de schildklier, raadpleeg dan uw arts.
Hartslag
Neem contact op met uw arts als u hartkloppingen heeft (u voelt uw eigen hartslag) of een gevoel van een snelkloppend hart in rust tijdens behandeling met Nevolat.
Vochtverlies en uitdroging
Als u de behandeling met Nevolat begint, kunt u te maken krijgen met vochtverlies of uitdroging. Dit kan ontstaan als u misselijk bent, moet braken of diarree heeft. Het is belangrijk om uitdroging te voorkomen door voldoende te drinken. Neem contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige als u vragen heeft of bezorgd bent. Zie rubriek 4.
Kinderen en jongeren tot 18 jaar
De veiligheid en werkzaamheid van Nevolat bij kinderen tot 6 jaar is nog niet vastgesteld.
Gebruikt u nog andere medicijnen?
Gebruikt u naast Nevolat nog andere medicijnen, heeft u dat kort geleden gedaan of gaat u dit misschien binnenkort doen? Vertel dat dan uw arts, apotheker of verpleegkundige.
Neem vooral contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige in de volgende gevallen:
- als u medicijnen voor diabetes gebruikt die 'sulfonylureumderivaten' worden genoemd (zoals glimepiride of glibenclamide) of als u insuline gebruikt – u kunt een lage bloedsuiker krijgen (hypoglykemie) als u deze medicijnen met Nevolat gebruikt. Uw arts kan de dosis van uw medicijn voor diabetes aanpassen om te voorkomen dat u een lage bloedsuiker krijgt. Zie rubriek 4 voor de waarschuwingsverschijnselen van een lage bloedsuiker. Als u uw insulinedosis aanpast, kan uw arts u aanbevelen om uw bloedsuiker vaker te controleren.
- als u warfarine of andere orale (via de mond ingenomen) medicijnen gebruikt die uw bloedstolling verlagen (antistollingsmiddelen). Bloedonderzoeken om het stollingsvermogen van uw bloed te testen kunnen vaker noodzakelijk zijn.
Zwangerschap en borstvoeding
Gebruik dit medicijn niet als u zwanger bent, zwanger denkt te zijn of zwanger wilt worden. Het is niet bekend of liraglutide invloed heeft op de baby.
Gebruik Nevolat niet als u borstvoeding geeft. Het is niet bekend of liraglutide in de moedermelk wordt uitgescheiden.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Nevolat heeft waarschijnlijk geen invloed op uw rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen.
Sommige patiënten kunnen zich duizelig voelen als ze dit medicijn gebruiken, voornamelijk gedurende de eerste 3 maanden van de behandeling (zie rubriek ‘Mogelijke bijwerkingen’). Mocht u zich duizelig voelen, wees dan extra voorzichtig tijdens het autorijden en het gebruik van machines. Neem voor meer informatie contact op met uw arts.
Nevolat bevat natrium
Dit medicijn bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per dosis. Dit betekent dat het in wezen ‘natriumvrij’ is.
3. Hoe gebruikt u dit medicijn?
Gebruik dit medicijn altijd precies zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige.
Uw arts zal u een dieet en een oefenprogramma voorschrijven. Houd u aan dit programma terwijl u Nevolat gebruikt.
Hoeveel moet u injecteren?
Volwassenen
Uw behandeling wordt ingesteld met een lage dosis die in de eerste vijf weken van de behandeling geleidelijk wordt verhoogd.
- Wanneer u begint met het gebruik van Nevolat, is de startdosis 0,6 mg eenmaal per dag, gedurende ten minste één week.
- Uw arts zal u instructies geven om uw dosis geleidelijk met 0,6 mg te verhogen. Gewoonlijk gebeurt dit wekelijks tot u de aanbevolen dosis van 3,0 mg eenmaal per dag heeft bereikt.
Uw arts zal u vertellen hoeveel Nevolat u elke week moet gebruiken. Meestal zult u de volgende tabel moeten aanhouden.
| Week | Geïnjecteerde dosis |
|---|---|
| Week 1 | 0,6 mg eenmaal per dag |
| Week 2 | 1,2 mg eenmaal per dag |
| Week 3 | 1,8 mg eenmaal per dag |
| Week 4 | 2,4 mg eenmaal per dag |
| Week 5 en daarna | 3,0 mg eenmaal per dag |
Zodra u in week 5 van de behandeling de aanbevolen dosis van 3,0 mg gebruikt, blijft u deze dosis tot aan het eind van uw behandelingsperiode gebruiken. Verhoog de dosis niet verder.
Uw arts zal uw behandeling regelmatig controleren.
Kinderen en jongeren (6 tot 18 jaar)
Voor kinderen en jongeren in de leeftijd van 6 tot 18 jaar dient een soortgelijk schema voor dosisverhoging te worden toegepast als voor volwassenen (zie de tabel hierboven voor volwassenen). De dosis moet worden verhoogd tot 3,0 mg (onderhoudsdosis) of tot de maximaal verdraagbare dosis is bereikt. Doseringen hoger dan 3,0 mg per dag worden niet aanbevolen.
Hoe en wanneer gebruikt u dit medicijn?
- Voordat u de pen voor de eerste keer gebruikt, laat uw arts of verpleegkundige u zien hoe u de pen moet gebruiken.
- U kunt Nevolat op elk moment van de dag gebruiken, met of zonder eten en drinken.
- Gebruik Nevolat elke dag op ongeveer hetzelfde tijdstip. Kies een tijdstip dat u het best uitkomt.
Waar te injecteren?
Nevolat wordt met een injectie onder de huid toegediend (subcutane injectie).
- De beste plaatsen om te injecteren zijn de voorzijde van uw buik (abdomen), de voorzijde van uw dijen of uw bovenarmen.
- Wissel elke dag van injectieplek om het risico op vorming van bulten te verminderen.
- Injecteer niet in een ader of spier.
Injectienaalden worden niet meegeleverd met de pen. Er kunnen bijvoorbeeld BD Ultra-Fine™ wegwerpnaalden of NovoFine® wegwerpnaalden met een dikte van 32G en lengte tot 8 mm worden gebruikt.
U vindt gedetailleerde instructies voor gebruik aan de ommezijde van deze bijsluiter.
Mensen met diabetes
Vertel het uw arts als u diabetes heeft. Uw arts kan de dosis van uw medicijnen voor diabetes aanpassen om te voorkomen dat u een lage bloedsuiker krijgt.
- Meng Nevolat niet met andere medicijnen die u injecteert (zoals insulines).
- Gebruik Nevolat niet in combinatie met andere medicijnen die GLP-1-receptoragonisten bevatten (zoals exenatide of lixisenatide).
Heeft u te veel van dit medicijn gebruikt?
Neem onmiddellijk contact op met een arts of ga meteen naar een ziekenhuis, als u meer Nevolat heeft gebruikt dan zou moeten. Neem de doos van het medicijn mee. U heeft mogelijk medische behandeling nodig. De volgende bijwerkingen kunnen zich voordoen:
- misselijkheid
- braken
- lage bloedsuiker (hypoglykemie). Kijk voor de waarschuwingssignalen van een lage bloedsuiker bij ‘Andere bijwerkingen; vaak’.
Bent u vergeten dit medicijn te gebruiken?
- Als u een dosis vergeet en u zich dat herinnert binnen 12 uur na het gebruikelijke tijdstip van gebruik, injecteer het medicijn dan zodra u eraan denkt.
- Als het echter meer dan 12 uur geleden is dat u Nevolat had moeten gebruiken, slaat u de vergeten dosis over en injecteert u de volgende dosis de volgende dag op het gebruikelijke tijdstip.
- Neem de volgende dag geen dubbele of hogere dosis om de vergeten dosis in te halen. Ook mag u de volgende dag de dosis niet verhogen om een vergeten dosis in te halen.
Als u stopt met het gebruik van dit medicijn
Stop niet met het gebruik van dit medicijn zonder uw arts te raadplegen.
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit medicijn? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige.
4. Mogelijke bijwerkingen
Zoals elk medicijn kan ook dit medicijn bijwerkingen hebben. Niet iedereen krijgt daarmee te maken.
Ernstige bijwerkingen
Sommige ernstige allergische reacties (anafylaxie) zijn zelden gemeld bij patiënten die Nevolat gebruiken. U moet onmiddellijk uw arts raadplegen als u klachten heeft als ademhalingsproblemen, zwelling van gezicht en keel en een snelle hartslag.
Gevallen van ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis) zijn soms gemeld bij patiënten die Nevolat gebruiken. Pancreatitis is een ernstige, mogelijk levensbedreigende medische aandoening. Stop met het gebruik van dit medicijn en raadpleeg onmiddellijk een arts als u een van de volgende ernstige bijwerkingen bemerkt:
- Ernstige en aanhoudende pijn in de buik (maagstreek) welke kan uitstralen naar uw rug, alsook misselijkheid en braken, omdat dit verschijnselen kunnen zijn van een ontstoken alvleesklier (pancreatitis).
Andere bijwerkingen
Zeer vaak: komen voor bij meer dan 1 op de 10 gebruikers
- Misselijkheid, braken, diarree, obstipatie, hoofdpijn - dit gaan meestal na enkele dagen of weken over.
Vaak: komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruikers
- Problemen met de maag en darmen, zoals indigestie (dyspepsie), ontsteking van het maagslijmvlies (gastritis), maagklachten, pijn in de bovenbuik, brandend maagzuur, opgeblazen gevoel, winderigheid (flatulentie), oprispingen en droge mond
- Zich zwak of vermoeid voelen
- Veranderde smaakzin
- Duizeligheid
- Slapeloosheid (insomnie). Dit komt meestal voor tijdens de eerste 3 maanden van behandeling
- Galstenen
- Huiduitslag
- Reacties op de injectieplaats (zoals blauwe plekken, pijn, irritatie, jeuk en huiduitslag)
- Lage bloedsuiker (hypoglykemie). De waarschuwingssignalen van een lage bloedsuiker kunnen plotseling opkomen en zijn onder andere: koud zweet, koele bleke huid, hoofdpijn, snelle hartslag, misselijkheid, erg hongerig zijn, veranderingen in het gezichtsvermogen, zich slaperig voelen, zwak, nerveus, angstig gevoel, verwardheid, moeite met concentreren en trillen (tremor). Uw arts zal u vertellen hoe u een lage bloedsuiker moet behandelen en wat u moet doen als u deze waarschuwingssignalen krijgt
- Verhoging van alvleesklierenzymen, zoals lipase en amylase
Soms: komen voor bij minder dan 1 op de 100 gebruikers
- Vochtverlies (uitdroging). Dit komt meestal voor bij het begin van de behandeling en kan ontstaan door misselijkheid, braken en diarree
- Vertraging van de maaglediging
- Ontsteking van de galblaas
- Allergische reacties waaronder huiduitslag
- Algemeen onwel voelen
- Snellere pols
Zelden: komen voor bij minder dan 1 op 1.000 gebruikers
- Verminderde nierfunctie
- Acuut nierfalen. De verschijnselen zijn onder andere minder urinevolume, metaalachtige smaak in de mond en snel ontstaan van blauwe plekken
Niet bekend: kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald
- Verstopping van de darmen. Een ernstige vorm van verstopping met daarbij klachten zoals buikpijn, een opgeblazen gevoel, braken enz.
- Bulten onder de huid kunnen worden veroorzaakt door ophoping van een eiwit genaamd amyloïde (huidamyloïdose; hoe vaak dit zich voordoet is niet bekend).
Het melden van bijwerkingen
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige. Dit geldt ook voor bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, Website: www.lareb.nl. Door bijwerkingen te melden, helpt u ons om meer informatie te krijgen over de veiligheid van dit medicijn.
5. Hoe bewaart u dit medicijn?
Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.
Gebruik dit medicijn niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die vindt u op het etiket van de pen en op het kartonnen doosje na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.
Vóór ingebruikname:
Bewaren in de koelkast (2°C-8°C). Niet in de vriezer bewaren.
Na ingebruikname van de pen:
Als u de pen bewaart beneden 30°C of in de koelkast (2°C-8°C), kunt u de pen één maand bewaren. Niet in de vriezer bewaren.
Bewaar de pen wanneer u deze niet gebruikt met de pendop erop ter bescherming tegen licht.
Gebruik dit medicijn niet als de oplossing niet helder en kleurloos of nagenoeg kleurloos is.
Spoel medicijnen niet door de gootsteen of de wc en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met medicijnen moet doen die u niet meer gebruikt. Als u medicijnen op de juiste manier afvoert worden ze op een juiste manier vernietigd en komen ze niet in het milieu terecht.
6. Inhoud van de verpakking en overige informatie
Welke stoffen zitten er in dit medicijn?
- De werkzame stof in dit medicijn is liraglutide. 1 ml oplossing voor injectie bevat 6 mg liraglutide. Een voorgevulde pen bevat 18 mg liraglutide.
- De andere stoffen in dit medicijn zijn natriumcitraatdihydraat, propyleenglycol, fenol en water voor injectie. Daarnaast kunnen zoutzuur- en/of natriumhydroxide-oplossing zijn toegevoegd voor pH-aanpassing.
Hoe ziet Nevolat eruit en wat zit er in een verpakking?
Nevolat wordt geleverd als een heldere en kleurloze of nagenoeg kleurloze oplossing voor injectie in een voorgevulde pen. Elke pen bevat 3 ml oplossing voor de toediening van doses van 0,6 mg, 1,2 mg, 1,8 mg, 2,4 mg en 3,0 mg.
Nevolat is verkrijgbaar in verpakkingen met 1, 3 of 5 pennen. Het is mogelijk dat niet alle genoemde verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
Naalden worden niet meegeleverd.
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant
Vergunninghouder:
Zentiva, k.s.
U kabelovny 130,
Dolní Měcholupy,
102 37 Praag 10,
Tsjechië
Fabrikant:
Pharmadox Healthcare Ltd.
KW20A Kordin Industrial Park,
Paola PLA 3000,
Malta
Profarma UAB,
V. A. Graiciuno Gatve 6-2, Vilniaus M. Sav.,
Vilnius, LT-02244,
Litouwen
In het register ingeschreven onder:
Nevolat 6 mg/ml oplossing voor injectie in een voorgevulde pen: RVG 133898
Dit medicijn is geregistreerd in lidstaten van de Europese Economische Ruimte onder de volgende namen:
Oostenrijk
Luntin 6 mg/ml Injektionslösung in einem Fertigpen
Zweden , Noorwegen, Duitsland
Nevolat
Spanje
Plyzari 6mg/ml solución inyectable en pluma precargada
Polen, Tsjechië, Italië, Portugal
Plyzari
Nederland
Nevolat 6 mg/ml oplossing voor injectie in een voorgevulde pen
Hongarije
Nevolat 6 mg/ml oldatos injekció előretöltött injekciós tollban
Frankrijk
LIENDAX 6 mg/mL, solution injectable en stylo prérempli
Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in juni 2026.
INSTRUCTIES VOOR GEBRUIK VAN DE NEVOLAT-PEN
Instructies voor gebruik van Nevolat 6 mg/ml oplossing voor injectie in een voorgevulde pen Lees deze instructies zorgvuldig door voordat u uw voorgevulde pen met Nevolat gebruikt. Gebruik de pen niet zonder de juiste training door uw arts of verpleegkundige. Begin met een controle van de pen; verzeker u ervan dat de pen Nevolat 6 mg/ml bevat. Bekijk vervolgens de afbeeldingen hieronder om de verschillende onderdelen van uw pen en naald te leren kennen. Als u blind of slechtziend bent en het dosisafleesvenster op de pen niet kunt lezen, gebruik deze pen dan niet zonder hulp. Vraag hulp van een persoon met een goed gezichtsvermogen die geoefend is in het gebruik van de Nevolat voorgevulde pen. Uw pen is een voorgevulde pen met draaibare dosisinstelknop. De pen bevat 18 mg liraglutide en levert doses van 0,6 mg, 1,2 mg, 1,8 mg, 2,4 mg en 3,0 mg. BD Ultra-Fine™ wegwerpnaalden of NovoFine® wegwerpnaalden worden aanbevolen voor gebruik met dit hulpmiddel. Naalden zijn niet bijgesloten in de verpakking. Belangrijke informatie Besteed speciale aandacht aan deze opmerkingen, omdat deze belangrijk zijn voor een veilig gebruik van de pen. | Liraglutide injectiepen en naald (voorbeeld) ![]() |
|---|---|
1 Uw pen van een nieuwe naald voorzien
| ![]() |
| Controleer of de oplossing in de pen helder en kleurloos is. Kijk door het penvenster. Als de oplossing er troebel uitziet, mag u de pen niet gebruiken. | ![]() |
| ![]() |
| Druk de naald recht op de pen. Draai de naald vast. | ![]() |
| Haal het buitenste naaldkapje eraf en bewaar het voor later. U heeft deze na de injectie nodig om de naald veilig van de pen te halen. | ![]() |
Verwijder het binnenste naalddopje en gooi dit weg. Als u het probeert terug te plaatsen, zou u uzelf per ongeluk aan de naald kunnen prikken. Een druppel oplossing kan aan de naaldpunt verschijnen. Dit is normaal, maar u moet nog steeds de toevoer controleren als u een nieuwe pen voor de eerste keer gebruikt. Bevestig pas een nieuwe naald op de pen als u klaar bent om de injectie toe te dienen. Gebruik voor iedere injectie altijd een nieuwe naald. Zo kunt u het verstopt raken van de naald, besmetting, infectie en een onjuiste dosis voorkomen. Gebruik nooit een verbogen of beschadigde naald. | ![]() |
2 De toevoer controleren
| ![]() ![]() |
3 Uw dosis instellen
| |
![]() U kunt maximaal 3,0 mg per dosis instellen. Zodra de pen minder dan 3,0 mg bevat, stopt het dosisafleesvenster voordat 3,0 wordt weergegeven. De dosisinstelknop maakt een ander klikgeluid wanneer deze naar voren, naar achteren of voorbij het aantal overgebleven mg wordt gedraaid. Tel niet het aantal klikken van de pen. Gebruik voordat u dit medicijn injecteert altijd het dosisafleesvenster en de dosisaanwijspijl om te zien hoeveel mg u heeft ingesteld. Tel niet het aantal klikken van de pen. Gebruik niet de schaalverdeling op de pen. Deze geeft alleen aan hoeveel oplossing ongeveer nog in de pen zit. Met de dosisinstelknop kunt u alleen doses van 0,6 mg, 1,2 mg, 1,8 mg, 2,4 mg of 3,0 mg instellen. Het getal van de ingestelde dosis moet precies tegenover de dosisaanwijspijl staan om er zeker van te zijn dat u een correcte dosis krijgt. | |
Hoeveel oplossing is er over?
Draai de dosisinstelknop totdat het dosisafleesvenster stopt. Als 3,0 wordt weergegeven, zit er nog ten minste 3,0 mg in de pen. Als het dosisafleesvenster stopt voordat 3,0 mg wordt weergegeven, is er onvoldoende oplossing over voor een volledige dosis van 3,0 mg. Als u meer medicijn nodig heeft dan er over is in uw pen Alleen als het aan u is uitgelegd of is geadviseerd door uw arts of verpleegkundige, mag u uw dosis verdelen over uw huidige pen en een nieuwe pen. Gebruik een rekenmachine om de doses te berekenen volgens de aanwijzingen van uw arts of verpleegkundige. Let er goed op dat u zorgvuldig rekent. Als u niet goed weet hoe u uw dosis over twee pennen moet verdelen, gebruikt u een nieuwe pen voor het instellen en injecteren van de benodigde dosis. | ![]() ![]() |
4 De dosis injecteren
| ![]() |
| ![]() |
| ![]() |
Als de injectieplaats gaat bloeden, drukt u hier zacht tegenaan. Wrijf niet over het gebied. Na het injecteren ziet u mogelijk een druppel oplossing aan de naaldpunt. Dit is normaal en heeft geen invloed op uw dosis. Blijf altijd naar het dosisafleesvenster kijken, zodat u weet hoeveel mg u injecteert. Houd de | |
![]() drukknop ingedrukt totdat het dosisafleesvenster op 0 staat. Hoe herkent u een verstopte of beschadigde naald?
Wat moet u doen met een naald die is verstopt? Vervang de naald zoals beschreven in stap 5, 'Na uw injectie', en herhaal alle stappen vanaf stap 1, 'Uw pen voorbereiden met een nieuwe naald'. Stel de volledige benodigde dosis in. Raak het dosisafleesvenster tijdens het injecteren nooit aan. Hierdoor kan de injectie worden onderbroken. | |
5 Na uw injectie
| ![]() |
| ![]() |
Gooi de naald altijd na elke injectie weg om comfortabel te kunnen injecteren en geblokkeerde naalden te voorkomen. Als de naald verstopt is, wordt er geen medicijn geïnjecteerd. Als de pen leeg is, gooi deze dan weg zonder naald erop, zoals voorgeschreven door uw arts, verpleegkundige, apotheker of plaatselijke overheden. Probeer nooit het binnenste naalddopje op de naald terug te plaatsen. U zou zich kunnen prikken aan de naald. | |
![]() Verwijder altijd de naald van uw pen na iedere injectie. Zo voorkomt u mogelijk verstopping van de naald, besmetting, infectie, lekkage van de oplossing en onjuiste toediening. | |
Andere belangrijke informatie
| |
Zorgen voor uw pen
|




















