SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Duphalac lactulosesiroop, stroop
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Duphalac lactulosesiroop, stroop 667 mg/ml
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Duphalac lactulosesiroop bevat 667 mg lactulose per 1 ml.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
Duphalac lactulosesiroop bevat residuen vanuit het productieproces met bekend effect, zie sectie 4.4.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Stroop.
Een heldere, visceuze vloeistof, kleurloos tot bruinachtig geel.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
- Obstipatie, ter regulering van het fysiologische ritme van het colon.
- Wanneer zachte ontlasting gewenst is (bijvoorbeeld bij aambeien, na een operatie aan colon of anus).
4.2 Dosering en wijze van toediening
De lactulose oplossing mag verdund of onverdund gegeven worden. Een dosering lactulose moet in een keer ingeslikt worden en mag niet een tijdje in de mond worden gehouden.
Alle doseringen moeten aangepast worden aan de individuele behoefte van de patiënt.
In het geval van een eenmalige dagelijkse dosering, moet de dosering steeds op hetzelfde tijdstip worden ingenomen, bijvoorbeeld tijdens het ontbijt.
Tijdens behandeling met laxantia wordt het aangeraden om gedurende de dag voldoende te drinken (1,5 tot 2 liter per dag, overeenkomend met 6-8 glazen).
Voor Lactulosesiroop in flessen kan het maatbekertje gebruikt worden.
Dosering bij obstipatie of voor het verkrijgen van zachte ontlasting om medische redenen:
Lactulose mag gegeven worden als een eenmalige dagelijkse dosering of verdeeld over twee doseringen;. bij Lactulosesiroop kan het maatbekertje gebruikt worden.
Op basis van de respons op de behandeling kan de startdosering na enkele dagen aangepast worden tot de onderhoudsdosis. Er kunnen een aantal (2-3) dagen behandeling nodig zijn voordat het effect van de behandeling optreedt.
Lactulosesiroop in flessen:
| Aanvangsdosis per dag | Onderhoudsdosis per dag | |
| Volwassenen en adolescenten | 15-45 ml (10-30 g lactulose) | 15-30 ml (10-20 g lactulose) |
| Kinderen (7-14 jaar) | 15 ml (10 g lactulose) | 10-15 ml (7-10 g lactulose) |
| Kinderen (1-6 jaar) | 5-10 ml (3-7 g lactulose) | 5-10 ml (3-7 g lactulose) |
| Zuigelingen onder 1 jaar | tot 5 ml (tot 3 g lactulose) | tot 5 ml (tot 3 g lactulose) |
Gebruik bij oudere patiënten en patiënten met nier- of leverinsufficiëntie
Geen speciale aanbevolen dosering, omdat systemische blootstelling aan lactulose verwaarloosbaar is.
4.3 Contra-indicaties
- Overgevoeligheid voor de werkzame stof of (voor één) van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
- Galactosemie.
Gastro-intestinale obstructie, perforatie in de spijsverteringsorganen of risico hierop
(bijvoorbeeld acute ontstekingsziekte van de darm, zoals colitis ulcerosa, ziekte van Crohn).
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik
Geadviseerd wordt een arts te raadplegen in geval van:
- pijnlijke abdominale symptomen van onbekende oorzaak voordat de behandeling wordt gestart.
- onvoldoende therapeutisch effect na enkele dagen.
Lactulose moet met voorzichtigheid gegeven worden aan patiënten met een lactose-intolerantie (zie rubriek 6.1).
De gebruikelijke dosering bij obstipatie vormt normaliter geen bezwaar voor diabetici.
Informatie over de residuen vanuit het productieproces met bekend effect:
Dit product bevat lactose, galactose en fructose vanuit het productieproces. Daarom dienen patiënten met zeldzame erfelijke galactose- of fructose-intolerantie, algehele lactase deficiëntie of glucose-galactose malabsorptie dit geneesmiddel niet te gebruiken.
Dit product kan residuen van sulfiet vanuit het productieproces bevatten.
Patiënten met een gastro-cardiaal syndroom (Roemheld syndroom) mogen lactulose alleen gebruiken na het raadplegen van een arts. Wanneer er symptomen zoals meteorisme of opzwelling optreden bij deze patiënten na inname van lactulose, zal de dosering verlaagd moeten worden of zal de behandeling gestaakt moeten worden.
Chronisch gebruik van niet ingestelde doseringen en misbruik kunnen leiden tot diarree en verstoring van de elektrolytenbalans.
Pediatrische patiënten
Laxantia mogen alleen bij uitzondering en onder medische supervisie bij kinderen gebruikt worden. Voorzichtigheid is geboden bij het geven van lactulose aan zuigelingen en kleine kinderen die een zeldzame autosomale recessieve fructose intolerantie hebben.
Er moet rekening gehouden worden dat de reflex die voor de ontlasting zorgt, verstoord kan raken tijdens de behandeling.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interacties
Er zijn geen interactiestudies uitgevoerd.
Lactulose kan het kaliumverlies, geïnduceerd door andere geneesmiddelen (bijvoorbeeld thiaziden, corticosteroïden en amfotericine B) vergroten. Gelijktijdig gebruik van hartglycosiden kan het effect van de glycosiden door kaliumtekort vergroten.
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding
Zwangerschap
Er zijn geen effecten te verwachten tijdens de zwangerschap, aangezien de systemische blootstelling aan lactulose verwaarloosbaar is.
Lactulosesiroop kan tijdens de zwangerschap worden gebruikt (zie rubriek 5.3).
Borstvoeding
Er zijn geen effecten te verwachten op de gezondheid van het kind tijdens de borstvoeding, aangezien de systemische blootstelling aan lactulose verwaarloosbaar is.
Lactulosesiroop kan tijdens het geven van borstvoeding worden gebruikt (zie rubriek 5.3).
Vruchtbaarheid
Er zijn geen effecten te verwachten, omdat de systemische blootstelling aan lactulose verwaarloosbaar is.
4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Lactulose heeft geen of verwaarloosbare invloed op de rijvaardigheid of het vermogen om machines te bedienen.
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
Gedurende de eerste dagen van de behandeling kan flatulentie optreden. Deze verdwijnt gewoonlijk na een paar dagen.
Bij hogere dan de voorgeschreven dosering kan buikpijn en diarree ontstaan. De dosering dient dan verlaagd te worden.
Tabel met bijwerkingen
De volgende bijwerkingen zijn met de hieronder aangegeven frequenties waargenomen bij patiënten, die met lactulose behandeld werden [zeer vaak (≥1/10); vaak (≥1/100, <1/10); soms (≥1/1.000, <1/100); zelden (≥1/10.000, <1/1.000); zeer zelden <1/10.000), niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)].
Systeem/ orgaanklasse | Frequentiecategorie | ||||
| Zeer vaak | Vaak | Soms | Zelden | Niet bekenda | |
| Immuunsysteem- aandoeningen | Overgevoeligheid | ||||
| Maagdarmstelsel-aandoeningen | Diarree | Flatulentie, Buikpijn, Misselijkheid, Braken | |||
Huid- en onderhuid- aandoeningen | Rash, pruritus, urticaria, erytheem | ||||
| Onderzoeken | Verstoorde elektrolytenbalans als gevolg van diarree |
Pediatrische patiënten
Naar verwachting is het veiligheidsprofiel bij kinderen hetzelfde als bij volwassenen.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlandse Bijwerkingen Centrum Lareb, website www.lareb.nl.
4.9 Overdosering
Bij een te hoge dosering kan het volgende optreden:
Symptomen: diarree en buikpijn.
Behandeling: stoppen met de behandeling of verlagen van de dosering. Extreem vochtverlies door diarree of braken kan een correctie van de verstoorde elektrolytenbalans noodzakelijk maken.
5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Farmacotherapeutische groep: osmotische laxantia. ATC-code: A06AD11.
Door de darmflora wordt lactulose in het colon omgezet in laagmoleculaire organische zuren. Deze zuren leiden tot een daling van de pH in het darmlumen en door middel van een osmotisch effect tot een volumetoename van de inhoud van het colon. Deze effecten stimuleren de peristaltiek van het colon en normaliseren de consistentie van de feces. Obstipatie wordt opgeheven en het fysiologische ritme van het colon hersteld.
Lactulose, als prebiotische substantie, versterkt de groei van Bifidobacterium en Lactobacillus, terwijl Clostridium en Escherichia coli onderdrukt kunnen worden. Dit kan leiden tot het verhelpen van obstipatie en kan zo de gezondheidstoestand van de patiënt gunstig beïnvloeden.
5.2 Farmacokinetische eigenschappen
Lactulose wordt na orale toediening slecht geabsorbeerd en bereikt het colon onveranderd. In het colon wordt het gemetaboliseerd door de bacteriële colonflora. Bij doseringen tot 25-50 g of 40-75 ml is de metabolisering compleet; bij hogere doseringen kan een deel onveranderd worden uitgescheiden.
5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek
Preklinische data gebaseerd op enkele en herhaalde dosis toxiciteitsstudies tonen geen speciale risico’s voor mensen aan. Een lange termijn studie bij dieren geeft geen aanwijzing voor tumorgeen potentieel. Lactulose was niet teratogeen bij muizen, ratten of konijnen. Na orale toediening is systemische toxiciteit niet te verwachten als gevolg van de farmacologische en farmacokinetische eigenschappen van lactulose.
6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS
6.1 Lijst van hulpstoffen
Duphalac lactulosesiroop bevat geen toegevoegde hulpstoffen.
6.2 Gevallen van onverenigbaarheid
Niet van toepassing.
6.3 Houdbaarheid
3 jaar
Deze datum geldt ook als de verpakking is geopend
6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Geen speciale bewaarcondities.
6.5 Aard en inhoud van de verpakking
Flacon (HDPE) met 200 ml stroop.
6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen
Geen bijzondere vereisten.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Abbott B.V.
Wegalaan 9
2132 JD Hoofddorp
Nederland
8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Duphalac lactulosesiroop is in het register ingeschreven onder RVG 20869.
9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/HERNIEUWING VAN DE VERGUNNING
Datum van eerste verlening van de vergunning: 13 september 1996.
Datum laatste verlenging: 13 september 2016
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Laatste volledige herziening: 27 februari 2013.
Laatste gedeeltelijke wijziging betreft rubriek 4.4: 10 juli 2023
