SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Aminoven
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Aminoven 5% oplossing voor infusie
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
1000 ml oplossing voor infusie bevat:
| Isoleucine | 2,50 g |
| Leucine | 3,70 g |
| Lysine acetaat (= Lysine 3,30 g) | 4,655 g |
| Methionine | 2,15 g |
| Fenylalanine | 2,55 g |
| Threonine | 2,20 g |
| Tryptofaan | 1,00 g |
| Valine | 3,10 g |
| Arginine | 6,00 g |
| Histidine | 1,50 g |
| Alanine | 7,00 g |
| Glycine | 5,50 g |
| Proline | 5,60 g |
| Serine | 3,25 g |
| Tyrosine | 0,20 g |
| Taurine | 0,50 g |
| Totaal aan aminozuren: | 50,0 g/l |
| Totale hoeveelheid stikstof: | 8,1 g/l |
| Totale hoeveelheid energie: | 840 kJ/l (200 kcal/l) |
| Titratie aciditeit: | 12 mmol NaOH/l |
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Oplossing voor infusie.
Heldere, kleurloze tot gele oplossing.
pH: 5,5 – 6,3
Theoretische Osmolariteit: 495 mosm/l
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1. Therapeutische indicaties
Bron van aminozuren als onderdeel van parenterale voeding.
Aminozuuroplossingen moeten in het algemeen toegediend worden in combinatie met een adequate hoeveelheid aan energie supplementen.
4.2. Dosering en wijze van toediening
Dosering
De dagelijkse behoefte aan aminozuren hangt af van het lichaamsgewicht en de metabole conditie van de patiënt.
De maximale dagelijkse dosering varieert met de klinische conditie van de patiënt en kan zelfs van dag tot dag wijzigen.
De aanbevolen infusie periode is om een continu infuus te geven gedurende ten minste 14 uur tot 24 uur, afhankelijk van de klinische situatie. Bolustoediening wordt niet aanbevolen.
De oplossing wordt toegediend zo lang parenterale voeding noodzakelijk is.
Volwassenen
Dosis:
16 – 20 ml Aminoven 5% per kg lichaamsgewicht/dag (overeenkomend met 0,8 tot 1,0 g aminozuren per kg lichaamsgewicht/dag). Dit betekent bijvoorbeeld 1120 – 1400 ml Aminoven 5% bij een lichaamsgewicht van 70 kg.
Maximale infusiesnelheid:
2,0 ml Aminoven 5% per kg lichaamsgewicht/uur (overeenkomend met 0,1 g aminozuren per kg lichaamsgewicht/uur).
Maximale dagelijkse dosis:
20 ml Aminoven 5% per kg lichaamsgewicht/dag (overeenkomend met 1,0 g aminozuren per kg lichaamsgewicht/dag). Dit betekent 70 gram aminozuren bij een lichaamsgewicht van 70 kg.
Voor een hogere dosis aminozuren zijn adequate producten beschikbaar.
Pediatrische patiënten
Er zijn geen studies gedaan bij pediatrische patiënten.
Aminoven 5% is gecontra-indiceerd bij kinderen jonger dan 2 jaar (zie rubriek 4.3). Voor kinderen jonger dan 2 jaar, dienen pediatrische aminozuurpreparaten gebruikt te worden die gemaakt zijn om aan de verschillende metabole behoeftes te voldoen.
Kinderen en adolescenten (2-18 jaar)
Dosering:
De dosering moet aangepast worden aan de hydratatiestatus, biologische ontwikkeling en lichaamsgewicht.
Maximale infusie snelheid
Hetzelfde als voor volwassenen. Zie de informatie hierboven.
Maximale dagelijkse dosering
40 ml Aminoven 5% per kilogram lichaamsgewicht/dag (overeenkomend met 2,0 gram aminozuren per kilogram lichaamsgewicht/dag) maar de totale dagelijkse vochtinname dient in overweging genomen te worden.
Wijze van toediening
Voor continue infusie via een perifere of centrale ader.
4.3. Contra-indicaties
De toediening van Aminoven 5% is gecontra-indiceerd bij kinderen jonger dan 2 jaar.
Zoals voor alle aminozuren geldt, is de toediening van Aminoven 5% in de volgende gevallen gecontra-indiceerd :
- verstoring van het aminozuurmetabolisme
- metabole acidose
- nierinsufficiëntie zonder een hemodialyse- of hemofiltratiebehandeling
- vergevorderde leverinsufficiëntie
- vocht overbelasting
- shock
- hypoxie
- niet gecompenseerd hartfalen.
4.4. Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik
Serum elektrolyten, vochtbalans en renale functie moeten worden gecontroleeerd.
In geval van een hypokaliëmie en/ of hyponatriëmie moeten adequate hoeveelheden kalium en/ of natrium simultaan worden toegediend.
Aminozuuroplossingen kunnen een acute foliumzuurdeficiëntie uitlokken. Daarom moet er dagelijks foliumzuur gegeven worden.
Voorzichtigheid is geboden bij de toediening van grote volumes infusievloeistoffen aan patiënten met hartinsufficiëntie.
Infusie via perifere vaten kan over het algemeen irritatie van de vaatwand en tromboflebitis veroorzaken. Daarom zijn dagelijkse controles van de punctieplaatsen aanbevolen.
Als de toediening van vetemulsies is aangewezen, dan moet dit, indien mogelijk, gebeuren als een mengsel met Aminoven 5% om het risico op irritatie van de venen zo klein mogelijk te houden.
De keuze tussen toediening via perifere of centrale vasculatuur hangt af van de uiteindelijke osmolariteit van het mengsel. De algemeen aanvaarde limiet voor perifere infusie is ongeveer 800 mosmol/l, maar het varieert aanzienlijk met de leeftijd en de algemene conditie van de patiënt en de toestand van de perifere vaten.
Er moet strikt aseptisch gewerkt worden, in het bijzonder bij het inbrengen van een katheter in een centrale vene.
Aminoven 5% kan worden gebruikt als onderdeel van een totale parenterale voedingsbehandeling in combinatie met adequate hoeveelheden aan energie supplementen (oplossingen van koolhydraten, lipidenemulsies), elektrolyten, vitaminen en sporenelementen.
4.5. Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Tot op heden zijn er geen interacties bekend.
Voor onverenigbaarheden, zie rubriek 6.2.
4.6. Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding
Er is geen specifiek onderzoek naar de veiligheid van Aminoven 5% uitgevoerd ten aanzien van vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding.. Echter, de klinische ervaring met vergelijkbare parenterale aminozuuroplossingen duidt niet op risico tijdens de zwangerschap of tijdens de periode van borstvoeding. Alvorens Aminoven 5% toe te dienen tijdens de zwangerschap of tijdens de periode van borstvoeding moet de verhouding risico/voordeel afgewogen worden.
4.7. Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Niet van toepassing.
4.8. Bijwerkingen
Er zijn geen bijwerkingen bekend bij correcte toediening van dit product. De bijwerkingen die optreden bij overdosering, (zie rubriek 4.9), zijn gewoonlijk reversibel en verdwijnen als de therapie wordt stopgezet. Infusie via perifere venen kan over het algemeen irritatie van de vaatwand en tromboflebitis veroorzaken.
Er werden geen klinische studies uitgevoerd.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website www.lareb.nl.
4.9. Overdosering
Zoals ook bij andere oplossingen van aminozuren het geval is, kunnen rillingen, braken, misselijkheid en verhoogd renaal aminozuurverlies optreden, wanneer Aminoven 5% wordt gegeven in een te hoge dosis of indien de maximale infusiesnelheid wordt overschreden. In zo’n geval dient de infusie direct gestaakt te worden. Mogelijk kan worden verdergegaan met een verlaagde dosis.
Een te snelle infusie kan vochtoverbelasting en verstoring van elektrolyten veroorzaken.
Er is geen specifiek antidotum bij overdosering. Noodmaatregelen zijn algemeen ondersteunende maatregelen met speciale aandacht voor het respiratoire en cardiovasculaire systeem. Nauwkeurige biochemische monitoring is essentieel en specifieke abnormaliteiten moeten op de juiste wijze worden behandeld.
5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Farmacotherapeutische groep: Aminozuren – oplossing voor parenterale voeding
ATC-code: B05B A01
De aminozuren waar Aminoven 5% uit bestaat, zijn allen natuurlijk voorkomende fysiologische verbindingen. Zoals met de aminozuren verkregen uit de ingestie en assimilatie van voedingseiwitten, komen parenteraal toegediende aminozuren in de lichaamspool van vrije aminozuren en alle daaruit voortvloeiende metabole wegen.
5.2 Farmacokinetische eigenschappen
De aminozuren in Aminoven 5% komen in de plasmapool van overeenkomstige vrije aminozuren. Vanuit de intravasale ruimte bereiken de aminozuren de interstitiële vloeistof en, de intracellulaire ruimte van verschillende weefsels.
Plasma- en intracellulaire vrije aminozuurconcentraties worden endogeen gereguleerd voor elk aminozuur, binnen nauwe marges, afhankelijk van de leeftijd, voedingsstatus en pathologische toestand van de patiënt.
Uitgebalanceerde aminozuuroplossingen zoals Aminoven 5% veranderen de fysiologische aminozuurpool van essentiële en niet-essentiële aminozuren niet significant wanneer ze met een constante en langzame snelheid worden geïnfundeerd.
Kenmerkende veranderingen in de fysiologische plasma-aminozuurpool zijn alleen te voorzien wanneer de regulerende functie van essentiële organen zoals lever en nieren ernstig verstoord is. In zulke gevallen kunnen speciaal ontwikkelde aminozuuroplossingen zijn aanbevolen om de homeostase te herstellen.
Slechts een klein deel van de geïnfundeerde aminozuren wordt uitgescheiden via de nieren. Voor de meerderheid van de aminozuren zijn halfwaardetijden van 10 tot 30 minuten gemeld.
5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek
Preklinische toxiciteitgegevens zijn beschikbaar voor individuele aminozuren, maar zijn niet relevant voor aminozuurmengsels zoals Aminoven 5%. Er zijn geen preklinische toxiciteitstudies uitgevoerd met Aminoven 5%. Studies met vergelijkbare aminozuur mengsels laten geen toxische effecten zien.
Intraveneuze toediening van Aminoven 5% bij konijnen wordt goed verdragen. Accidentele arteriële infusie of, paraveneuze, subcutane of intramusculaire injectie van Aminoven 5% bij konijnen leidt tot histopathologische veranderingen (bijv. oedeem, bloedingen, lymphohistiocytaire infiltratie) vergelijkbaar met die in controledieren. Voor het overige wordt Aminoven 5% goed verdragen.
6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS
6.1. Lijst van hulpstoffen
IJsazijn
Water voor injectie
6.2. Gevallen van onverenigbaarheid
Door een verhoogd risico op microbiologische contaminatie en onverenigbaarheden, moeten aminozuuroplosingen niet gemengd worden met andere geneesmiddelen. Indien het toch noodzakelijk is om aan Aminoven 5% andere voedingsstoffen toe te voegen, raadpleeg secties 6.3. c), 6.4, 6.6 .
6.3. Houdbaarheid
- a) Houdbaarheid van het product in de handelsverpakking
Glazen fles: 2 jaar
- b) Houdbaarheid van het product na eerste opening van de verpakking
Aminoven 5% moet meteen na opening gebruikt worden via een steriel infusietoedieningssysteem. Niet gebruikte oplossingen moeten worden weggegooid.
- c) Houdbaarheid na toevoeging van andere componenten
Over het algemeen kunnen mengsels met totale parenterale voeding maximaal 24 uur bij 2oC tot 8oC bewaard worden, behalve als er een langere periode van houdbaarheid bewezen is. Zie ook sectie 6.4.
6.4. Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Bewaar in de omdoos. Niet in de vriezer bewaren.
Speciale voorzorgsmaatregelen bij opslag na mengen met andere componenten.
Aminoven 5% kan aseptisch toegevoegd worden aan andere nutriënten zoals lipidenemulsies, koolhydraten en elektrolyten. Gegevens over de fysische en chemische stabiliteit, na toevoeging van bepaaldecomponenten, bij 4oC voor een periode tot 9 dagen zijn te verkrijgen op aanvraag bij Fresenius Kabi n.v.
Vanuit microbiologisch standpunt moeten mengsels van totale parenterale voeding die bereid werden onder niet-gecontroleerde en niet gevalideerde omstandigheden onmiddellijk gebruikt worden. Indien niet onmiddellijk gebruikt dan vallen de opslagtijd tijdens gebruik en de omstandigheden vóór gebruik, onder de verantwoordelijkheid van de gebruiker en ze mogen normaliter niet langer zijn dan 24 uur bij 8°C, tenzij het mengen gebeurde onder gecontroleerde en gevalideerde aseptische omstandigheden.
6.5. Aard en inhoud van de verpakking
Glazen flessen van 500 ml en 1000 ml.
Type II, kleurloos glas, rubber stop/aluminium cap en een omdoos.
Flesvolumes : 10 x 500 ml glazen fles
6 x 1000 ml glazen fles
1 x 500 ml glazen fles (monster)
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.
6.6. Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies
Direct gebruiken na opening.
Enkel geschikt voor éénmalig gebruik.
Gebruik Aminoven 5% niet na de op de verpakking aangegeven datum.
Gebruik alleen heldere, partikel-vrije oplossingen en onbeschadigde verpakkingen.
Gooi niet gebruikte oplossingen weg. Elk restant van een mengsel moet na infusie weggegooid worden.
Door een verhoogd risico op microbiologische contaminatie en onverenigbaarheden, moeten aminozuuroplossingen niet gemengd worden met andere geneesmiddelen. Indien het toch noodzakelijk is om aan Aminoven 5% andere voedingsstoffen toe te voegen zoals koolhydraten, vetemulsies, elektrolyten, vitaminen of sporenelementen om een volledige parenterale voeding te bekomen, dan dient er aandacht besteed te worden aan aseptische technieken, aan grondig mengen, en in het bijzonder, aan verenigbaarheid.
Gegevens over verenigbaarheid voor een aantal mengsels zijn te verkrijgen bij de fabrikant.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Fresenius Kabi Nederland B.V.
Amersfoortseweg 10 E
3712BC Huis ter Heide
Nederland
8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
RVG 24228
9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/HERNIEUWING VAN DE VERGUNNING
Datum van eerste verlening van de vergunning: 4 augustus 1999
Datum van laatste hernieuwing: 6 januari 2009
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Laatste gedeeltelijke wijziging betreft rubriek 7: 29 oktober 2018
