Bijsluiter-info.nl

Allegra fexotabs 120 mg – SmPC

De SmPC is bedoeld voor zorgverleners. Begrijpelijke informatie voor patiënten staat in de bijsluiter: dosering, bijwerkingen, andere geneesmiddelen, zwangerschap en borstvoeding.

Bijgewerkt:
Feiten
Status:
Zonder recept, ook in de supermarkt
Sterkte:
120 mg
Werkzame stof:

SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Allegra fexotabs

1 NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

Allegra fexotabs, 120 mg filmomhulde tabletten

2 KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Iedere filmomhulde tablet bevat 120 mg fexofenadine hydrochloride.

Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.

3 FARMACEUTISCHE VORM

Filmomhulde tablet.

De tabletten zijn perzikkleurig en hebben een capsule-achtige vorm. De tabletten hebben aan één zijde de inscriptie “012” en aan de andere zijde de letter “e”.

4 KLINISCHE GEGEVENS

4.1 Therapeutische indicaties

Allegra fexotabs is geïndiceerd voor gebruik bij volwassenen en kinderen ouder dan 12 jaar voor verlichting van de symptomen van allergische rhinitis.

4.2 Dosering en wijze van toediening

Voor oraal gebruik.

Dosering

Volwassenen en kinderen ouder dan 12 jaar:

De aanbevolen dosis van fexofenadine hydrochloride voor volwassenen en voor kinderen ouder dan 12 jaar is eenmaal daags 120 mg

Pediatrische patiënten

Kinderen onder 12 jaar:

De veiligheid en werkzaamheid van fexofenadine hydrochloride 120 mg is niet vastgesteld bij kinderen onder 12 jaar.

Kinderen van 6 tot en met 11 jaar:

Voor toediening aan en dosering bij kinderen van 6 tot en met 11 jaar is fexofenadine hydrochloride 30 mg tablet de aangewezen formulering.

Speciale risicogroepen:

Studies in bepaalde risicogroepen (ouderen, patiënten met nier- en leverfunctiestoornis) geven aan dat de dosis van fexofenadine hydrochloride niet behoeft te worden aangepast bij deze patiënten.

4.3 Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor de werkzame stoffen of voor één van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

Er zijn beperkte gegevens beschikbaar over gebruik bij ouderen en bij patiënten met nier- of leverfunctiestoornissen. In deze speciale groepen dient fexofenadine hydrochloride zorgvuldig te worden toegepast (zie rubriek 4.2).

Patiënten die een cardiovasculaire aandoening hebben of hebben gehad, moeten gewaarschuwd worden dat antihistaminica als geneesmiddelencategorie in verband zijn gebracht met het optreden van de bijwerkingen tachycardie en palpitaties (zie rubriek 4.8).

Allegra fexotabs 120 mg bevat natrium.

Dit middel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per tablet, dat wil zeggen dat het in wezen ‘natriumvrij’ is.

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Fexofenadine ondergaat geen biotransformatie in de lever. Daarom zal er geen interactie met andere geneesmiddelen zijn door middel van hepatische mechanismen.

Fexofenadine is een P-glycoproteïne (P-gp)- en organische anion-transporterende polypeptide (OATP)-substraat. Gelijktijdig gebruik van fexofenadine met P-gp-remmers of -inductoren kan de blootstelling aan fexofenadine beïnvloeden. Gelijktijdige toediening van fexofenadine hydrochloride met P-gp-remmers erythromycine of ketoconazol resulteerde in een 2-3 keer verhoogde plasma spiegel van fexofenadine. De veranderingen gingen niet vergezeld van een effect op het QT interval en gingen niet gepaard met een toename van het aantal bijwerkingen in vergelijking tot die op de afzonderlijk gegeven geneesmiddelen.

Een klinisch onderzoek naar geneesmiddeleninteractie heeft aangetoond dat gelijktijdige toediening van apalutamide (een zwakke inductor van P-gp) en een enkele orale dosis van 30 mg fexofenadine resulteerde in een afname van 30% van de AUC van fexofenadine.

Er werd geen interactie tussen fexofenadine en omeprazol waargenomen. Echter, toediening van een antacidum dat aluminium- en magnesiumhydroxidegels bevat 15 minuten vóór toediening van fexofenadine hydrochloride veroorzaakte een vermindering van de biologische beschikbaarheid, hoogstwaarschijnlijk ten gevolge van een binding in het maagdarmkanaal. Het is aan te bevelen om twee uur vrij te laten tussen de toediening van fexofenadine hydrochloride en aluminium- en magnesiumhydroxide bevattende antacida.

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding

Zwangerschap

Er is een zeer beperkte hoeveelheid gegevens over het gebruik van fexofenadine bij zwangere vrouwen. Beperkt experimenteel onderzoek bij dieren duidt niet op directe of indirecte schadelijke effecten op de zwangerschap, de embryonale/foetale ontwikkeling, de bevalling of de postnatale ontwikkeling (zie rubriek 5.3). Fexofenadine dient tijdens de zwangerschap niet te worden gebruikt, tenzij strikt noodzakelijk.

Borstvoeding

Er zijn geen gegevens over de samenstelling van de moedermelk na toediening van fexofenadine hydrochloride. Maar bij toediening van terfenadine aan vrouwen die borstvoeding gaven ging fexofenadine over in de moedermelk. Daarom wordt het niet aanbevolen fexofenadine hydrochloride toe te dienen aan vrouwen die borstvoeding geven.

4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Allegra fexotabs heeft geen of een verwaarloosbare invloed op de rijvaardigheid en op het vermogen om machines te bedienen.

In objectieve testen bleek fexofenadine de rijvaardigheid en het psychomotorische functioneren niet significant te beïnvloeden. Echter, om gevoelige patiënten, die een ongewone reactie op geneesmiddelen hebben, te identificeren, wordt aangeraden de individuele reactie van de patiënt af te wachten.

4.8 Bijwerkingen

Bijwerkingen kunnen in de volgende frequenties voorkomen: zeer vaak (≥ 1/10); vaak (≥ 1/100 tot < 1/10); soms (≥ 1/1.000 tot < 1/100); zelden (≥ 1/10.000 tot < 1/1.000), zeer zelden (< 1/10.000) en niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).

In volwassenen zijn de volgende bijwerkingen gemeld in gecontroleerde klinische studies, waarbij de incidentie vergelijkbaar was met placebo:

Zenuwstelselaandoeningen

Vaak: hoofdpijn, sufheid, duizeligheid

Maagdarmstelselaandoeningen

Vaak: misselijkheid

Algemene aandoeningen

Soms: moeheid

In volwassenen zijn de volgende bijwerkingen gemeld in post-marketing surveillance. De frequentie waarmee deze optreden, is niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald):

Immuunsysteemaandoeningen

Overgevoeligheidsreacties zoals angio-oedeem, pijn op de borst, dyspnoe, flush, systemische anafylaxie

Psychische stoornissen

Slapeloosheid, nervositeit, slaapstoornissen of nachtmerries/overmatig dromen (paroniria)

Oogaandoeningen

Niet bekend: Wazig zien

Hartaandoeningen

Tachycardie, palpitaties

Maagdarmstelselaandoeningen

Diarree

Huid- en onderhuidaandoeningen

Rash, urticaria, pruritis

Melding van vermoedelijke bijwerkingen

Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het nationale meldsysteem: Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb. Website: www.lareb.nl

4.9 Overdosering

In geval van overdosering zijn de volgende verschijnselen gemeld: duizeligheid, sufheid, vermoeidheid en droge mond. Doseringen tot 60 mg tweemaal daags gedurende 2 weken zijn toegediend aan kinderen, en eenmalige doses tot 800 mg en doseringen tot 690 mg tweemaal daags gedurende een maand of 240 mg eenmaal daags gedurende een jaar werden toegediend aan gezonde vrijwilligers zonder klinisch significante bijwerkingen in vergelijking met placebo. De maximale dosis van fexofenadine die nog wordt verdragen, is niet vastgesteld.

Standaardmaatregelen om nog niet geabsorbeerd geneesmiddel te verwijderen, dienen te worden overwogen. Symptomatische en ondersteunende behandeling wordt aangeraden. Hemodialyse elimineert fexofenadine hydrochloride niet voldoende uit het bloed.

5 FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN

5.1 Farmacodynamische eigenschappen

Farmacotherapeutische groep: Antihistaminica voor systemisch gebruik. ATC Code: R06AX26.

Werkingsmechanisme

Fexofenadine hydrochloride is een niet sederend H1 antihistaminicum. Fexofenadine is een farmacologische actieve metaboliet van terfenadine.

Klinische werkzaamheid en veiligheid

Humane histamine allergie studies, uitgevoerd bij volwassenen, met een één of tweemaal daagse dosis van fexofenadine hydrochloride, geven aan dat de werking van het geneesmiddel binnen één uur begint, met een maximum na 6 uur.

Er was geen aanwijzing voor tolerantie van deze effecten na 28 dagen behandeling.

Er was een positieve dosis-effect relatie van 10 mg tot 130 mg van een afzonderlijke orale dosis. Maximale remming van de huidreactie in de histamine allergie studies was meer dan 80%.

Bij kinderen van 6 tot 11 jaar oud onderdrukt fexofenadine hydrochloride de histamine geïnduceerde huidreactie (urtica en roodheid) in dezelfde mate zoals die is waargenomen bij volwassenen.

Er werd geen verschil waargenomen in de gemiddelde waarde van QTc intervallen bij patiënten met seizoengebonden allergische rhinitis die fexofenadine hydrochloride tot 240 mg tweemaal daags kregen gedurende 2 weken in vergelijking met placebo. Ook werd er geen verandering in de gemiddelde waarde van QTc intervallen waargenomen bij gezonde individuen aan wie fexofenadine hydrochloride werd geven tot 60 mg tweemaal per dag gedurende 6 maanden, tot 400 mg tweemaal per dag gedurende 6,5 dag en 240 mg eenmaal per dag gedurende 1 jaar, in vergelijking met placebo. Bij kinderen van 6 tot en met 11 jaar zijn geen significante verschillen in QTc intervallen waargenomen bij een dosering tot 60 mg fexofenadine hydrochloride 2 d.d. gedurende twee weken.

5.2 Farmacokinetische eigenschappen

Absorptie

Fexofenadine hydrochloride wordt snel door het lichaam geabsorbeerd na orale toediening met een Tmax van ongeveer 1-3 uur na inname.

De gemiddelde Cmax waarde was ongeveer 494 ng/ml na toediening van een eenmalige dosis van 120 mg.

Een eenmalige dosering van 15, 30 en 60 mg bij kinderen van 6 tot 11 jaar oud, is proportioneel en vergelijkbaar met een eenmalige dosis van respectievelijk 30, 60 en 120 mg bij volwassenen. Daarom resulteert een dosis van 30 mg tweemaal daags bij kinderen in een vergelijkbare AUC en Cmax als bij volwassenen bij gebruik van 120 mg eenmaal daags.

Distributie

Fexofenadine wordt voor 60-70% aan plasma-eiwit gebonden.

Metabolisme

Fexofenadine ondergaat een verwaarloosbare metabolisering, daar het de enige belangrijke stof was die aangetoond werd in urine en faeces van dieren en mensen.

Eliminatie

Het plasmaconcentratieprofiel van fexofenadine volgt een bi-exponentiële afname met een eind eliminatiehalveringstijd variërend van 11 tot 15 uur na herhaalde dosering.

De farmacokinetiek van enkelvoudige en herhaalde dosering van fexofenadine is lineair tussen doses van 40 mg en 240 mg. De voornaamste eliminatieroute is naar alle waarschijnlijkheid via de gal, terwijl tot ongeveer 10% van de ingenomen dosis onveranderd wordt uitgescheiden via de urine.

5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek

Bij proefdieren zijn geen aanwijzingen gevonden voor een veiligheidsrisico voor de mens. Dit is gebaseerd op gegevens uit farmacologische studies met betrekking tot de veiligheid, en gegevens over toxiciteit na herhaalde dosering, genotoxiciteit, carcinogeniciteit en reproduktietoxiciteit.

6 FARMACEUTISCHE GEGEVENS

6.1 Lijst van hulpstoffen

De tabletkern:

microkristallijn cellulose gepregelatineerd maiszetmeel croscarmellose-natrium magnesiumstearaat.

De filmomhulling van de tablet:

hydroxypropylmethylcellulose povidon

titaandioxide (E171) colloidaal siliciumdioxide macrogol 400

ijzeroxide (E172).

6.2 Gevallen van onverenigbaarheid

Niet van toepassing.

6.3 Houdbaarheid

36 maanden.

6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren

Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities.

6.5 Aard en inhoud van de verpakking

-PVC/PE/PVDC blisterverpakking

Blauwe of witte ondoorschijnende polyvinylchloride blisterverpakking van 200 µm dik met een polyvinylidinechloride coating van 90 g/m2 op de binnenoppervlakte van de blisterverpakking. De PVC/PE/PVDC is geplakt op hard aluminiumfolie van 20 µm dik met een vinyl coating, opgebracht via verhitting.

-PVC/PVDC blisterverpakking

Witte ondoorschijnende polyvinylchloride blisterverpakking van 250 µm dik met een polyvinylidinechloride coating van 90 g/m2 geplakt op hard aluminiumfolie van 20 µm dik, opgebracht via verhitting.

De blisterverpakkingen zijn verpakt in kartonnen doosjes met 7, 10, 14, 15, 20, 21 of 30 tabletten. Niet alle verpakkingsgroottes hoeven in de handel te zijn.

6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen

Geen bijzondere vereisten.

Al het ongebruikte geneesmiddel of afvalmateriaal dient in overeenkomstig met lokale voorschriften te worden vernietigd.

7 HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

Opella Healthcare France SAS

157 avenue Charles de Gaulle

92200 Neuilly-sur-Seine

Frankrijk

8 NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

RVG 21624

9 DATUM VAN EERSTE VERLENGING VAN DE VERGUNNING/VERLENGING VAN DE VERGUNNING

Datum van eerste verlening van de vergunning: 27 oktober 1997 Datum van de laatste verlenging: 27 oktober 2012

10 DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST

Laatst gedeeltelijke wijziging betreft de rubrieken 1 t/m 3, 6.1, 6.4 en 6.6: 2 juli 2026

Over dit document

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank · Registratienummer: RVG 21624

Datum van herziening volgens de tekst: 02-07-2026

Een fout gevonden? Schrijf ons via de contactpagina.

De informatie op deze website vervangt niet het advies van uw arts of apotheker.

Gegevens over het medicijn Allegra fexotabs

Afleverstatus
Zonder recept, ook in de supermarkt?
  • Afleverstatus: zonder recept, ook in de supermarkt (AV, algemene verkoop)
Werkzame stof Fexofenadine
Farmaceutische vorm Filmomhulde tablet
Toedieningsweg Oraal gebruik
Hulpstoffen
cellulose, microkristallijn (e 460(i)), croscarmellose natrium (e 468), hypromellose (e 464), ijzeroxide geel (e 172) … (+7)+

cellulose, microkristallijn (e 460(i)), croscarmellose natrium (e 468), hypromellose (e 464), ijzeroxide geel (e 172), ijzeroxide rood (e 172), macrogol 400, magnesiumstearaat (e 470b), maïszetmeel, gepregelatineerd, povidon (e 1201), siliciumdioxide (e 551), titaandioxide (e 171)

ATC-indeling
  1. R Middelen voor de ademhalingswegen
    1. R06 Antihistaminica voor systemisch gebruik
      1. R06A Antihistaminica voor systemisch gebruik
        1. R06AX Overige antihistaminica voor systemisch gebruik
          1. R06AX26 Fexofenadine
Registratiehouder Opella Healthcare France S.A.S.
Registratie 21624 sinds 27-10-1997

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank, gegevens van 31-10-2026. Gegevens uit de Geneesmiddeleninformatiebank van het CBG-MEB, zonder garantie. Ze vervangen niet het advies van uw arts of apotheker.