SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Acetylcysteïne Sandoz
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Acetylcysteïne Sandoz 200 mg, granulaat voor drank
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Elke sachet Acetylcysteïne Sandoz 200 mg bevat 200 mg acetylcysteïne.
Hulpstoffen met bekend effect:
Elke sachet Acetylcysteïne Sandoz 200 mg bevat 2,7 g sucrose, maximaal 3,25 mg lactose en maximaal 42 mg glucose.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Granulaat voor drank.
Wit poeder.
Tijdens bewaren kan het poeder wit tot geelachtig worden.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Acetylcysteïne kan toegepast worden bij aandoeningen van de luchtwegen, waarbij een verlaging van de viscositeit van het bronchus-secreet wordt vereist om het ophoesten te vergemakkelijken, zoals bij astma, bronchitis, emfyseem, mucoviscidose en bronchiëctasieën.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
Volwassenen en kinderen ouder dan 7 jaar:
3 maal daags 1 sachet
Kinderen van 2 tot 7 jaar:
2 maal daags 1 sachet
Bij patiënten met een gedempte hoestreflex (ouderen en verzwakte patiënten) wordt aangeraden de drank 's morgens in te nemen.
Pediatrische populatie
Acetylcysteïne Sandoz 200 mg is gecontra-indiceerd voor gebruik bij kinderen onder 2 jaar (zie rubriek 4.3).
Wijze van toediening
Acetylcysteïne Sandoz 200 mg uit één sachet oplossen in een glas water. Deze oplossing kan direct worden ingenomen.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of voor één van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
Kinderen onder 2 jaar.
4.4. Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik
Mucolytica kunnen de luchtwegen van kinderen onder 2 jaar obstrueren als gevolg van de fysiologische kenmerken van de luchtwegen in deze leeftijdsgroep. Het vermogen om slijm op te hoesten kan beperkt zijn. Daarom mogen mucolytica niet gebruikt worden door kinderen jonger dan 2 jaar (zie rubriek 4.3).
Voorzichtigheid is geboden bij patiënten met een actief ulcus pepticum of in hun voorgeschiedenis, in het bijzonder wanneer zij gelijktijdig andere geneesmiddelen gebruiken waarvan bekend is dat zij het slijmvlies in het maagdarmkanaal kunnen irriteren.
Patiënten die leiden aan astma bronchiale, dienen nauwgezet onder controle gehouden te worden tijdens de therapie. Wanneer er zich een bronchospasme voordoet, dient het gebruik van acetylcysteïne onmiddellijk te worden gestaakt en dient contact te worden opgenomen met een arts voor passende behandeling.
In zeer zeldzame gevallen is het optreden van ernstige huidreacties zoals het Stevens-Johnson syndroom en het Lyell’s syndroom gerapporteerd in tijdsrelatie met het gebruik van acetylcysteïne. In de meeste gevallen kon minstens één medeverdacht geneesmiddel worden geïdentificeerd, dat meer waarschijnlijk de veroorzaker van het mucocutane syndroom was. Wanneer er zich nieuwe veranderingen aan de huid of slijmvliezen voordoen, dient onmiddellijk medische hulp te worden ingewonnen en dient de behandeling met acetylcysteïne onmiddellijk te worden gestaakt (zie rubriek 4.8).
Voornamelijk aan het begin van de behandeling met acetylcysteïne kan de bronchiale secretie vloeibaar worden en in volume toenemen. Wanneer een patiënt niet in staat is om het secreet effectief op te hoesten, dient posturale drainage en broncho-aspiratie te worden uitgevoerd.
Acetylcysteïne kan een matig effect hebben op het histamine metabolisme. Daarom dient dit middel met voorzichtigheid te worden toegepast bij langdurige behandeling van patiënten met een histamine intolerantie, aangezien er zich intolerantieverschijnselen kunnen voordoen (hoofdpijn, vasomotor rhinitis en jeuk).
Een lichte zwavelgeur duidt niet op een verandering van het geneesmiddel, maar is een eigenschap van de werkzame stof zelf.
Acetylcysteïne Sandoz 200 mg bevat sucrose, glucose en lactose
Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als fructose-intolerantie, glucose-galactose malabsorptie of sucrase-isomaltase insufficiëntie dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Interacties met andere geneesmiddelen
Hoestprikkeldempende geneesmiddelen en mucolytica zoals acetylcysteïne, mogen niet gelijktijdig worden gegeven, omdat vermindering van de hoestreflex kan leiden tot ophoping van bronchus-secreet.
Geactiveerde kool kan het effect van N-acetylcysteïne doen afnemen in verband met verminderde absorptie.
Het gelijktijdig oplossen van Acetylcysteïne Sandoz 200 mg met andere geneesmiddelen wordt niet aangeraden.
Het inactiveren van antibiotica (tetracyclines (exclusief doxycycline), cefalosporine, aminoglycosides, penicillinen) door acetylcysteïne is tot nu toe alleen in in vitro testen gerapporteerd, waarbij de relevante substanties direct met elkaar werden vermengd. Desondanks is het raadzaam om wanneer orale antibiotica zijn vereist, deze twee uur vóór of na acetylcysteïne in te nemen. Dit geldt niet voor cefixim.
Acetylcysteïne kan het vasodilatoire effect van nitroglycerine versterken. Voorzichtigheid is geboden.
Gelijktijdig gebruik van acetylcysteïne en carbamazepine kan leiden tot een verlaagde carbamazepine plasma concentratie met een toegenomen risico op epileptische aanvallen.
Pediatrische populatie
Interactiestudies zijn uitsluitend bij volwassenen uitgevoerd.
Interacties met laboratoriumbepalingen
Acetylcysteïne kan een invloed op de waarde van colorimetrische salicylaatbepalingen hebben.
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding
Zwangerschap
Er is een beperkte hoeveelheid gegevens over het gebruik van acetylcysteïne door zwangere vrouwen. Dierstudies duiden niet op directe of indirecte schadelijke effecten met betrekking tot reproductietoxiciteit (zie rubriek 5.3).
Het gebruik van acetylcysteïne kan worden overwogen, in geval het gebruik klinisch noodzakelijk is.
Borstvoeding
Het is niet bekend of acetylcysteïne/metabolieten overgaat in de moedermelk. Er zijn geen effecten bekend van acetylcysteïne bij kinderen die borstvoeding krijgen van behandelde vrouwen.Acetylcysteïne Sandoz 200 mg kan gebruikt worden tijdens het geven van borstvoeding.
Vruchtbaarheid
Er zijn geen gegevens beschikbaar over het effect van acetylcysteïne op de menselijke vruchtbaarheid. Uit dierstudies zijn geen schadelijke effecten op de menselijke vruchtbaarheid gebleken bij de aanbevolen doseringen (zie rubriek 5.3).
4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Acetylcysteïne heeft geen bekend effect op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen.
4.8 Bijwerkingen
Samenvatting van het veiligheidsprofiel
De meest frequent voorkomende bijwerkingen bij de orale toediening van acetylcysteïne zijn van gastro-intestinale aard. Overgevoeligheidsreacties, waaronder anafylactische shock, anafylactische/anafylactoïde reacties, bronchospasmen, tachycardie, angiooedeem, huiduitslag en pruritus werden minder frequent gerapporteerd.
Lijst van bijwerkingen in tabelvorm
In de onderstaande tabel zijn de bijwerkingen opgenomen na systemisch gebruik van orale acetylcysteïne ingedeeld naar orgaansysteem klassen en frequentie (zeer vaak (≥1/10), vaak (≥1/100 tot <1/10), soms (≥1/1.000 tot <1/100), zelden (≥1/10.000 tot <1/1.000), zeer zelden (<1/10.000) en niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).
Binnen iedere frequentiegroep zijn de bijwerkingen in volgorde weergegeven naar afnemende ernst.
| Orgaansysteem klasse | Bijwerking | ||||
|---|---|---|---|---|---|
Soms (≥1/1000 tot <1/100) | Zelden (≥1/10.000 tot <1/1.000) | Zeer zelden (<1/10.000) | Onbekend | ||
Immuunsysteem aandoeningen | Overgevoeligheid | Anafylactische shock, anafylac-tische/anafylac -toïde reacties | |||
| Zenuwstelsel-aandoeningen | Hoofdpijn | ||||
| Evenwichts-orgaan en ooraandoeningen | Tinnitus | ||||
| Hartaandoeningen | Tachycardie | ||||
| Bloedvat-aandoeningen | Bloedingen | ||||
Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinum- aandoeningen | Bronchospasme, dyspneu | ||||
Maagdarmstelsel aandoeningen | Stomatitis, buikpijn, misselijkheid, braken, diarree (zie rubriek 4.4) | Dyspepsie | |||
Huid- en onderhuid aandoeningen* | Urticaria, huiduitslag, angio-oedeem, pruritus | Gezichtsoedeem | |||
| Algemene aandoeningen en toedienings-plaatsstoornissen | Pyrexie | ||||
| Onderzoeken | Verlaagde bloeddruk (zie rubriek 4.5) | ||||
*In zeer zeldzame gevallen zijn ernstige huidreacties, zoals het Stevens-Johnson-syndroom en Lyell-syndroom, gerapporteerd in tijdelijke associatie met het gebruik van acetylcysteïne. In de meeste van deze gerapporteerde gevallen werd tegelijkertijd ten minste één aanvullend geneesmiddel ingenomen die mogelijk de beschreven mucocutane effecten had kunnen verergeren. Als er huid- of slijmvliesafwijkingen optreden, moet daarom onmiddellijk medische hulp gezocht worden en het gebruik van acetylcysteïne worden gestopt.
Daarnaast is de verschijning van bloedingen in associatie met de toediening van acetylcysteïne zeer zelden gerapporteerd, gedeeltelijk met overgevoeligheidsreacties. Een verminderde bloedplaatjesaggregatie in aanwezigheid van acetylcysteïne is bevestigd door verschillende studies. De klinische relevantie is tot op heden nog niet opgehelderd.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb (website www.lareb.nl).
4.9 Overdosering
Vrijwillige proefpersonen zijn gedurende drie maanden behandeld met een dosis van 11,2 g acetylcysteïne per dag zonder dat er enige ernstige bijwerkingen zijn waargenomen.
Orale doses tot 500 mg acetylcysteïne per kg lichaamsgewicht werden getolereerd zonder enige tekenen van vergiftiging.
Symptomen
Overdoses kunnen leiden tot gastrointestinale verschijnselen als misselijkheid, braken en diarree.
Behandeling
Er bestaat geen specifiek antidotum tegen acetylcysteïne en de behandeling is symptomatisch.
5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Farmacotherapeutische categorie: Mucolytica
ATC-code: R05C B01
Acetylcysteïne is een mucolyticum.
De mucolytische werking wordt veroorzaakt door een vermindering van de viscositeit van het bronchiale slijm. Dit wordt verklaard door depolymerisatie, waarbij de in het slijm aanwezige disulfidebruggen tussen de macromoleculen worden geopend.
Daarnaast is acetylcysteïne een precursor van glutathion. Acetylcysteïne is een derivaat van het natuurlijke aminozuur cysteïne, dat in het lichaam als substraat dient voor de synthese van glutathion.
Naast het feit, dat acetylcysteïne in staat is een toestand van glutathion-depletie te normaliseren kan het conjugeren met verschillende toxische verbindingen.
5.2 Farmacokinetische eigenschappen
Acetylcysteïne wordt na orale toediening snel geabsorbeerd en verdeelt zich over het gehele organisme. De hoogste weefselconcentraties worden bereikt in de lever, de nieren en de longen. Acetylcysteïne wordt voor het grootste gedeelte in de lever gedeacetyleerd tot cysteïne. Dit wordt voornamelijk verwerkt in de aminozuurstofwisseling. Ook worden reversibel disulfide verbindingen gevormd met aminozuren en eiwitten met vrije sulfhydrylgroepen. Hoge doses worden tenslotte voor het grootste gedeelte in anorganisch sulfaat omgezet en renaal uitgescheiden.
5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek
Preklinische gegevens gebaseerd op conventionele studies met betrekking tot veiligheidsfarmacologie, herhaalde dosis toxiciteit, genotoxiciteit, carcinogeen potentieel en reproductietoxiciteit duiden niet op een risico van acetylcysteïne voor mensen.
6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS
6.1 Lijst van hulpstoffen
Acetylcysteïne Sandoz 200 mg bevat de volgende hulpstoffen: sucrose, ascorbinezuur (E300), saccharine (E954) en sinaasappel smaakstof (bevat glucose en lactose).
6.2 Gevallen van onverenigbaarheid
Acetylcysteïne kan rubber en metaal (o.a. ijzer, nikkel, koper) aantasten. Aanbevolen wordt om bij toediening via neus-maag-, of neus-dunnedarm-sonde gebruik te maken van glas en/of plastic toedieningssystemen.
Vooraf mengen van antibiotica met acetylcysteïne dient vermeden te worden, in verband met de mogelijke in-vitro inactivatie van de antibiotica (voornamelijk van ß-lactamantibiotica).
6.3 Houdbaarheid
3 jaar.
6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Bewaren beneden 25°C in de oorsponkelijke verpakking ter bescherming tegen vocht.
6.5 Aard en inhoud van de verpakking
Acetylcysteïne Sandoz 200 mg, granulaat voor drank is verpakt per 10, 20 of 30 aluminium/polyethyleen/papier sachets in een kartonnen doosje.
Het is mogelijk dat niet alle genoemde verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen
Geen bijzonderheden.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Sandoz B.V.
Hospitaaldreef 29
1315 RC Almere
Nederland
8. NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
RVG 21020
9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/VERLENGING VAN DE VERGUNNING
Datum van eerste verlening van de vergunning: 13 februari 1998
Datum van laatste verlenging: 13 februari 2013
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Laatste gedeeltelijke wijziging betreft rubrieken 4.4, 4.5, 4.8, 4.9 en 6.4: 07 augustus 2025.
