Bijsluiter-info.nl

Sucralfaat Teva 1 gram – SmPC

De SmPC is bedoeld voor zorgverleners. Begrijpelijke informatie voor patiënten staat in de bijsluiter: dosering, bijwerkingen, andere geneesmiddelen, zwangerschap en borstvoeding.

Bijgewerkt:
Feiten
Status:
Alleen op recept
Werkzame stof:
ATC-code:

SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Sucralfaat Teva 1 gram

1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

Sucralfaat Teva 1 gram, granulaat in sachets

2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Sucralfaat Teva 1 gram bevat 1 gram sucralfaat per sachet.

1 g sucralfaat (aluminium saccharosesulfaat) komt overeen met 190 mg aluminium.

Hulpstof(fen) met bekend effect:

Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.

3. FARMACEUTISCHE VORM

Granulaat in sachet.

Wit/bijna wit granulaat

4. KLINISCHE GEGEVENS

4.1 Therapeutische indicaties

Ulcus duodeni en benigne ulcus ventriculi, peptische reflux oesophagitis, preventie van recidiverende ulcera.

Patiënten met een ulcus duodeni of ulcus ventriculi moeten gecontroleerd worden op de aanwezigheid van Helicobacter pylori. Bij H. pylori positieve patiënten moet gestreefd worden naar eradicatie van de H. pylori bacterie.

4.2 Dosering en wijze van toediening

Dosering

Pediatrische patiënten

De veiligheid en werkzaamheid van Sucralfaat Teva 1 gram bij kinderen in de leeftijd tot 14 jaar zijn niet vastgesteld. De momenteel beschikbare gegevens worden beschreven in rubriek 5.1.

Ulcus duodeni, benigne ulcus ventriculi

2 x daags 2 of 4 x daags 1 sachet met granulaat.

Reflux oesophagitis

4x daags 1 sachet granulaat.

Ter preventie van recidiverende ulcera

2 x daags 1 sachet met granulaat.

Wijze van toediening

Roer 1 of 2 sachets in een half glas water.

Sucralfaat kan het beste worden ingenomen op een lege maag.

Bij toediening van 4 x 1 g wordt voor elke maaltijd één dosis ingenomen, de vierde dosis wordt ‘s avonds vlak voor het slapen gaan ingenomen. Bij toediening van 2 x 2 g wordt één dosis (2 g) ‘s morgens bij het opstaan en één dosis (2 g) ‘s avonds bij het naar bed gaan ingenomen.

Ter preventie van ulcus ventriculi en ulcus duodeni wordt één dosis (1 g) ’s morgens bij het opstaan ingenomen en één dosis ’s avonds (1 g) bij het naar bed gaan.

Duur van de behandeling

Behandeling van ulcera:

Meestal is een behandeling met Sucralfaat Teva van 4 - 6 weken voor genezing van een ulcus voldoende. Zo nodig kan de behandeling tot 12 weken voortgezet worden. Een langere behandelingsduur is voor het floride ulcus niet gebruikelijk.

Ter preventie van recidiverende ulcus ventriculi en ulcus duodeni

De behandeling mag worden voortgezet 6 - 12 maanden na genezing van het ulcus ventriculi of ulcus duodeni.

Reflux oesophagitis:

Meestal 6 - 12 weken.

4.3 Contra-indicaties

  • Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor één van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstof(fen).
  • Sucralfaat wordt slechts voor een klein gedeelte geabsorbeerd (zie rubriek 5.2), echter vanwege de aanwezigheid van aluminium moet Sucralfaat Teva 1 gram niet worden gebruikt bij patiënten met ernstig gestoorde nierfunctie (uremie, dialysepatiënten).
  • Bij patiënten met een supragastro-intestinale operatie, omdat sucralfaat intragastrisch moet worden toegediend.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

  • Bij behandeling van ulcus ventriculi dient na 3 tot 4 weken een röntgenologische en eventueel endoscopische controle plaats te vinden om eventuele maligne ulcera uit te sluiten.
  • Er zijn bezoars gerapporteerd na toediening van sucralfaat, met name bij ernstig zieke patiënten op intensive care afdelingen. De meerderheid van de patiënten (inclusief neonaten bij wie sucralfaat niet wordt aanbevolen) had onderliggende aandoeningen met een dispositie voor bezoarvorming (zoals vertraagde maaglediging in verband met chirurgie, geneesmiddelen of aandoeningen die de maag-darmmotiliteit verminderen), of ontving gelijktijdig enterale voeding via een maagsonde.
  • Bij patiënten met een gestoorde nierfunctie kunnen de plasma-aluminiumspiegels stijgen. Bij deze patiënten werden na een langdurige behandeling gevallen van encefalopathie geregistreerd. Vooral bij dialysepatiënten moet hier op worden gelet.
  • Sucralfaat wordt niet aanbevolen voor patiënten tot 14 jaar aangezien er geen voldoende gegevens zijn over de veiligheid en werkzaamheid.

Hulpstoffen:

Natrium

Dit middel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per sachet, dat wil zeggen dat het in wezen natriumvrij’ is.

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Bij gelijktijdige behandeling met tetracycline, tobramycine, colistine, amfotericine B, fenytoïne, sulpiride, digoxine, cimetidine, ranitidine, chinolonen en fluorchinolonen (bijvoorbeeld norfloxacine, ciprofloxacine, ofloxacine), ketoconazol, theofylline, chenodeoxycholzuur, ursodeoxycholzuur en levothyroxine kan de absorptie van deze geneesmiddelen verminderd worden. Dit kan over het algemeen worden vermeden door voldoende tijd tussen de inname van sucralfaat en deze geneesmiddelen aan te houden (bijvoorbeeld 2 uur).

Sucralfaat kan de absorptie van orale anticoagulantia beïnvloeden. De dosis anticoagulantia moet bij aanvang en ook bij het eind van de behandeling met sucralfaat nauwkeurig worden gecontroleerd.

Gelijktijdig gebruik van sucralfaat en geneesmiddelen die kaliumnatriumwaterstofcitraat bevatten, kan leiden tot verhoogde absorptie van aluminium met als gevolg toegenomen aluminiumplasmaspiegels.

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding

Zwangerschap

Sucralfaat wordt slechts voor een klein gedeelte geabsorbeerd (zie rubriek 5.2). Gegevens over gebruik tijdens een beperkt aantal zwangerschappen laten geen negatieve/schadelijke effecten zien van sucralfaat op de zwangerschap of op de gezondheid van de foetus/pasgeborene. Tot op heden zijn geen andere relevante epidemiologische gegevens beschikbaar.

Dierstudies geven geen aanwijzingen voor directe of indirecte schadelijke effecten met betrekking tot de zwangerschap, embryofoetale ontwikkeling, bevalling of postnatale ontwikkeling (zie rubriek 5.3).

Op indicatie kan sucralfaat Teva zonder bezwaar volgens het voorschrift tijdens de zwangerschap worden gebruikt.

Borstvoeding

Het aluminiumbestanddeel van sucralfaat wordt uitgescheiden in de moedermelk. Een risico voor de pasgeborene is niet te verwachten, aangezien slechts kleine hoeveelheden worden geabsorbeerd.

Het is aan te raden om tijdens het geven van borstvoeding sucralfaat Teva slechts te gebruiken na een zorgvuldige afweging van eventuele voor- en nadelen.

4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Er zijn geen gegevens bekend over de invloed van dit product op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen Een effect is echter niet waarschijnlijk.

4.8 Bijwerkingen

De volgende bijwerkingen kunnen voorkomen tijdens het gebruik van Sucralfaat Teva 1 gram. Bijwerkingen staan hieronder gerangschikt volgens MedDRA systeem/orgaanklassen en frequenties.

De frequenties zijn als volgt gedefinieerd Zeer vaak (≥1/10), Vaak (≥1/100, <1/10), Soms (≥1/1.000, <1/100), Zelden (≥1/10.000, <1/1.000), Zeer zelden (<1/10.000), Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).

Zenuwstelselaandoeningen

Zelden: vertigo

Maagdarmstelselaandoeningen

Vaak: constipatie

Soms: misselijkheid, droge mond

Zelden: vol gevoel, bezoarvorming (zie rubriek 4.4).

Huid- en onderhuidaandoeningen

Zelden: rash, pruritus

Speciale populaties

Bij patiënten met een beperkte nierfunctie zijn er verschillende gevallen van verhoogde aluminiumbloedspiegels gemeld. In een aantal van deze gevallen werd encephalopathie gemeld na langdurige behandeling (zie rubriek 4.4).

Melding van vermoedelijke bijwerkingen

Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, Website: www.lareb.nl.

4.9 Overdosering

Acute intoxicatiesymptomen zijn niet gemeld. Vanwege de aanwezigheid van aluminium in Sucralfaat Teva 1 gram is een maagspoeling geïndiceerd na een overdosering.

5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN

5.1 Farmacodynamische eigenschappen

Farmacotherapeutische categorie: mucosaprotectiva, ATC-code: A02BX02

Na orale of intragastrische toediening werkt sucralfaat op het slijmvlies van de oesophagus, maag en duodenum door middel van verscheidene plaatselijke mechanismen:

Sucralfaat vormt een complex met weefseleiwitten aan het oppervlak van ulcera en laesies en met maagslijmvlies. Dit complex is resistent tegen peptische hydrolyse en nauwelijks permeabel voor H+-ionen. Dit versterkt de bescherming van het slijmvlies.

Bovendien stimuleert sucralfaat de fysiologische bescherming van het slijmvlies (afgifte van prostaglandinen, celregeneratie, aanmaak van slijm, secretie van bicarbonaat, mukeuze circulatie) en bevordert de afweer van het slijmvlies tegen endogene (zoutzuur, pepsine, galzuur, lysolecithine) en exogene (alcohol, NSAID’s en acetylsalicylzuur) gifstoffen.

Verder heeft sucralfaat een pepsine en galzuur absorberend effect.

Pediatrische patiënten

In de literatuur zijn er beperkte klinische gegevens over het gebruik van sucralfaat bij kinderen, met name bij stress ulcer profylaxe, reflux oesofagitis, en mucositis. De gebruikte dosis in deze studies is 0,5 – 1 g vier keer per dag, afhankelijk van de leeftijd van het kind en de ernst van de onderliggende aandoening, en werd toegediend zonder ernstige veiligheidsbezwaren. Gezien de beperkte gegevens, wordt op dit moment het gebruik van sucralfaat niet aanbevolen bij kinderen tot 14 jaar.

5.2 Farmacokinetische eigenschappen

Sucralfaat wordt slechts voor een klein deel geabsorbeerd in het gastrointestinale stelsel. Na orale toediening van C14-gelabeld sucralfaat werd 0,5 – 2,2% van de radioactiviteit gevonden in de urine.

Het suikerdeel van sucralfaat – sucrose-octasulfaat – wordt niet gehydrolyseerd tot sucrose, maar wordt renaal uitgescheiden in onveranderde vorm.

5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek

Bij proefdieren zijn geen aanwijzingen gevonden voor een veiligheidsrisico voor de mens. Dit is gebaseerd op gegevens uit farmacologische studies met betrekking tot de veiligheid en gegevens over toxiciteit na herhaalde toediening, carcinogeniteit en reproductietoxiciteit.

6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS

6.1 Lijst van hulpstoffen

Natriumzetmeelglycollaat, hydroxypropylcellulose.

6.2 Gevallen van onverenigbaarheid

Niet van toepassing.

6.3 Houdbaarheid

4 jaar

6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren

Bewaren beneden 25°C. Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen vocht.

6.5 Aard en inhoud van de verpakking

Papier/PE/Alu/Surlyn sachets.

Sucralfaat Teva is verpakt in sachets à 60 stuks.

6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies

Geen bijzondere vereisten.

Alle ongebruikte producten en afvalstoffen dienen te worden vernietigd overeenkomstig lokale voorschriften.

7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

Teva Nederland B.V.

Swensweg 5

2031 GA Haarlem

Nederland

8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

RVG 17346

9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/VERLENGING VAN DE VERGUNNING

Datum van de eerste verlening van de vergunning: 3 juli 1995

Datum van laatste verlenging: 3 juli 2015

10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST

Laatste gedeeltelijke wijziging betreft rubriek 4.3: 24 maart 2026

0326.3v.JK

Over dit document

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank · Registratienummer: RVG 21870=17346

Datum van herziening volgens de tekst: 24-03-2026

Een fout gevonden? Schrijf ons via de contactpagina.

De informatie op deze website vervangt niet het advies van uw arts of apotheker.

Gegevens over het medicijn Sucralfaat Teva 1 gram

Afleverstatus
Alleen op recept?
  • Afleverstatus: alleen op recept (UR, uitsluitend recept)
Werkzame stof Sucralfaat
Toedieningsweg Oraal gebruik
Hulpstoffen Hyprolose (e 463), natriumzetmeelglycolaat
ATC-indeling
  1. A Middelen voor maag-darmkanaal en metabolisme
    1. A02 Middelen bij aandoeningen gerelateerd aan maagzuur
      1. A02B Middelen bij maagzweer en gastro-oesofageale refluxziekte
        1. A02BX Overige middelen bij maagzweer en gastro-oesofageale refluxziekte
          1. A02BX02 Sucralfaat
Registratiehouder Teva Nederland B.V.
Sterkten en vormen
  • granulaat 17346
  • granulaat 21870=17346
Registratie 17346, 21870=17346
Ook als parallelimport Aurobindo Pharma B.V. (RVG 21870=17346)

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank, gegevens van 31-10-2026. Gegevens uit de Geneesmiddeleninformatiebank van het CBG-MEB, zonder garantie. Ze vervangen niet het advies van uw arts of apotheker.