SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Isosorbidedinitraat Aurobindo retard
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Isosorbidedinitraat Aurobindo retard 20 mg, tabletten met gereguleerde afgifte
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
De tabletten met gereguleerde afgifte bevatten 20 mg isosorbidedinitraat.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Tabletten met gereguleerde afgifte.
Isosorbidedinitraat Aurobindo retard 20 mg, tabletten met gereguleerde afgifte, zijn rond en vlak, hebben een deelstreep en zijn oranje-geel van kleur.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Profylaxe en onderhoudsbehandeling van angina pectoris.
4.2 Dosering en wijze van toediening
Dosering
De begindosering bedraagt een- of tweemaal daags 20 mg met een doseringsinterval van maximaal 6 uur. In verband met het optreden van mogelijke initiële bijwerkingen kan een insluipdosis van een- of tweemaal daags 10 mg gewenst zijn. Bij onvoldoende resultaat kan de dosis worden verhoogd tot maximaal 80 mg per gift met dezelfde doseringsfrequentie. De tabletten dienen in hun geheel met water te worden doorgeslikt.
De klinische effecten van nitraten kunnen ten gevolge van hoge en/of constante plasmaspiegels afnemen bij herhaalde toediening (zie rubriek 4.4 ‘Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik’). Dit kan worden voorkomen door de plasmaspiegels gedurende een bepaalde periode van het etmaal laag te houden. Daarom wordt aangeraden het product niet vaker dan tweemaal daags met een interval van maximaal 6 uur toe te dienen en met de laagste dosering te beginnen. De behandeling dient te worden aangepast aan het beoogde klinische effect, waarbij rekening dient te worden gehouden met het feit dat de werkzaamheid gedurende 24 uur niet realiseerbaar is. Met het onderhavige doseringsschema is de anti-angineuze werking tot 12 uur na de eerste gift te verwachten.
Er zijn geen specifieke doseerinstructies voor ouderen of patiënten met lever- of nierfunctiestoornissen.
Pediatrische patiënten
Er zijn onvoldoende gegevens bekend over het gebruik van isosorbidedinitraat bij kinderen.
Wijze van toediening
Het is niet bekend of de werking van Isosorbidedinitraat Aurobindo retard 20 mg wordt beïnvloed door de gelijktijdige inname van voedsel.
4.3 Contra-indicaties
- overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor (één van) de in rubriek 6.1 vermelde hulpstof(fen)
- ziekten die geassocieerd zijn met verhoogde intracraniële druk
- ernstige anemie
- hypotensie (systolische bloeddruk < 90 mmHg)
- shock
- myocardinsufficiëntie ten gevolge van obstructie
- gebruik van fosfodiësteraseremmers (bv. sildenafil) (zie rubriek 4.5 ‘Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interacties’).
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik
Het product is niet geschikt voor de behandeling van acute aanvallen van angina pectoris. Idiosyncrasie voor nitraten, zich uitend in syncope, kan bij een klein aantal patiënten voorkomen. Voorzichtigheid dient betracht te worden bij patiënten met ernstige cerebrale sclerose, na een recent hartinfarct, bij ernstige coronaire atherosclerose. Bij bijzondere gevoeligheid voor de werkzame stof kunnen hartkloppingen ontstaan. Angina pectoris veroorzaakt door hypertrofische cardiomyopathie kan verergeren. De instelling en het vervolgen van een behandeling van gedecompenseerde patiënten dient onder nauwkeurige klinische supervisie plaats te vinden.
Verminderde werking
In het algemeen geldt, ook voor alle andere nitraten, dat na herhaalde toediening vermindering van de werking niet kan worden uitgesloten. Dit kan worden voorkomen door de plasmaspiegels gedurende een bepaalde periode van het doseringsinterval laag te houden; om deze reden verdient de intermitterende toediening de voorkeur (zie verder rubriek 4.2 ‘Dosering en wijze van toediening’).
Fosfodiësteraseremmers
Patiënten die organische nitraten als onderhoudsbehandeling ontvangen, dienen erop gewezen te worden dat zij geen fosfodiësteraseremmers (zoals bijvoorbeeld sildenafil) bevattende producten mogen gebruiken: de therapie met nitraten mag ook niet kortdurend worden onderbroken om fosfodiësteraseremmers toe te dienen, daar de kans op ontwikkelen van een angina pectoris aanval dan toeneemt (zie rubriek 4.5 ‘Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie’).
Informatie over hulpstoffen
Isosorbidedinitraat Aurobindo retard 20 mg bevat lactose. Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, algehele lactasedeficiëntie of glucose-galactose malabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken.
De kleurstof zonnegeel (E110) kan allergische reacties veroorzaken.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interacties
Andere bloeddrukverlagende middelen
Bij gelijktijdig gebruik van isosorbidedinitraat en andere vasodilatoren, calciumantagonisten, antihypertensiva, tricyclische antidepressiva en neuroleptica, en alcohol kan een versterkte bloeddrukdaling optreden.
Gelijktijdige toediening van isosorbidenitraat en dihydroergotamine kan het bloeddrukverhogende effect van deze laatste stof versterken.
Fosfodiësteraseremmers
Het vaatverwijdende effect van organische nitraten wordt versterkt door fosfodiësteraseremmers (bv. sildenafil), dat wordt toegepast bij de behandeling van erectiele dysfunctie (zie ook rubriek 4.3 ‘Contra-indicaties’ en rubriek 4.4 ‘Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik’). Dit kan eventueel leiden tot levensbedreigende cardiovasculaire complicaties bij daarvoor gevoelige patiënten. Indien de patiënt onder een behandeling met organische nitraten staat, dient derhalve te worden afgezien van het gebruik van fosfodiësteraseremmers.
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding
Zwangerschap
Over het gebruik van isosorbidedinitraat in de zwangerschap bij de mens bestaan onvoldoende gegevens om de mogelijke schadelijkheid te kunnen beoordelen. Beperkte gegevens uit dierstudies wijzen niet op nadelige effecten op de zwangerschap of de ongeboren vrucht. Isosorbidedinitraat dient niet te worden gebruikt gedurende de zwangerschap, gezien het ontbreken van ervaring.
Borstvoeding
Er zijn geen gegevens bekend over eventuele passage van isosorbidedinitraat in de moedermelk, maar enige uitscheiding lijkt waarschijnlijk. Isosorbidedinitraat dient niet te worden gebruikt gedurende borstvoeding.
4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te gebruiken
Isosorbidedinitraat kan door het optreden van b.v. duizeligheid de rijvaardigheid en de bekwaamheid om machines te bedienen ongunstig beïnvloeden.
4.8 Bijwerkingen
Vooral in het begin van de behandeling kunnen hoofdpijnklachten, duizeligheid en vermoeidheid, hartkloppingen, orthostatische hypotensie en rood gezicht voorkomen. Deze klachten nemen veelal af bij voortzetting van de behandeling.
De frequenties van de bijwerkingen worden als volgt aangeduid:
Zeer vaak (>1/10), Vaak (>1/100, <1/10), Soms (>1/1000, <1/100, Zelden (>1/10.0000, <1/1000) en Zeer zelden (<1/10.000, met inbegrip van geïsoleerde gevallen)
Zenuwstelselaandoeningen
Zeer vaak: hoofdpijn
Hartaandoeningen
Vaak: reflex tachycardie
Soms: bradyaritmie, verergerde symptomen van angina pectoris, collaps, bleekheid, rusteloosheid, syncope, overmatig zweten, blozen
Bloedvataandoeningen
Vaak: hypotensie, licht gevoel in het hoofd bij het opstaan, duizeligheid, slaperigheid, gevoel van zwakte
Maagdarmstelselaandoeningen
Soms: misselijkheid, braken
Zelden: zuurbranden
Huid- en onderhuidaandoeningen
Soms: allergische huidreactie (bv. uitslag)
Zeer zelden: exfoliatieve dermatitis, Stevens-Johnson syndroom
Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen
Zeer zelden: angio-oedeem
Melding van vermoedelijke bijwerkingen Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website www.lareb.nl.
4.9 Overdosering
Als symptomen van overdosering kunnen hypotensie, tachycardie, cyanose, coma, shock, convulsies en methemoglobinemie optreden. Als therapie voor de methemoglobinemie wordt een injectie met methylthionine en tolonium aanbevolen. Verder wordt aangeraden de patiënt met de benen omhoog te leggen en afhankelijk van de ernst van de symptomen, kunstmatige beademing toe te passen.
Bij zeer hoge doses kan nitrietshock optreden, meestal vooraf gegaan door misselijkheid, braken, bleekheid en syncope.
5 FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Farmacotherapeutische groep: vasodilatantia, organische nitraten, ATC-code: C01D A08
De werking van organische nitraten zoals isosorbidedinitraat berust hoofdzakelijk op relaxatie van het gladde spierweefsel van de vaatwand, waardoor vasodilatatie ontstaat. Bij lagere dosering is deze hoofdzakelijk veneus, bij hogere dosering ook arterieel. Door dit mechanisme neemt de linker ventriculaire einddiastolische druk af. De zuurstofbehoefte van het myocard wordt verminderd. Door vermindering van de wandspanning van het myocard wordt bovendien een betere doorbloeding van de subendocardiale lagen verkregen.
Op moleculair niveau wordt isosorbidedinitraat binnen de gladde spiercellen van de vaatwand omgezet in stikstofoxide (NO). In het vaatendotheel worden diverse vaatverwijdende stoffen gesynthetiseerd en afgegeven. Een van deze stoffen is het endothelium derived relaxing factor (EDRF) dat geïdentificeerd is als NO. Na activatie van guanylaatcyclase door NO neemt in de gladde spiercel de cGMP concentratie toe, resulterend in vasodilatatie.
5.2 Farmacokinetische eigenschappen
Na orale toediening wordt isosorbidedinitraat snel en volledig geabsorbeerd. De biologische beschikbaarheid na orale toediening bedraagt 20-30% door een groot ‘first pass’ effect. De plasma-eiwitbinding bedraagt ongeveer 30%.
Isosorbidedinitraat wordt in de lever snel omgezet in de actieve metabolieten isosorbide-2-mononitraat en isosorbide-5-mononitraat. Isosorbide-5-mononitraat is de belangrijkste metaboliet en wordt in een 3-5x hogere concentratie gevormd dan isosorbide-2-mononitraat. De eliminatiehalfwaardetijd van isosorbidedinitraat is 30-60 minuten, die van isosorbide-5-mononitraat 4-5 uur.
Isosorbidedinitraat wordt uit de retardtabletten geleidelijk vrijgegeven gedurende een periode van 8-10 uur.
5.3 Gegevens uit preklinisch veiligheidsonderzoek
Geen bijzonderheden.
6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS
6.1 Lijst van hulpstoffen
Lactose, cellulose, ethylcellulose, talk, magnesiumstearaat (E470b), chinolinegeel (E104) en zonnegeel (E110).
6.2 Gevallen van onverenigbaarheid
Niet van toepassing.
6.3 Houdbaarheid
5 jaar.
6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Bewaren in de oorspronkelijke verpakking.
Bewaren beneden 25 °C.
6.5 Aard en inhoud van de verpakking
Flacons (polypropyleen) à 50, 60, 100, 200, 250, 500 en 1000 tabletten.
Blister en EAV (eenheidsafleveringsverpakking) (aluminium en PVC folie), 10 tabletten in een blister verpakt in veelvouden van 10 tabletten.
Het kan voorkomen dat niet alle verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies
Geen bijzondere vereisten.
7 HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Aurobindo Pharma B.V.
Baarnsche Dijk1
3741 LN Baarn
Nederland
8 NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
RVG 20660 Isosorbidedinitraat Aurobindo retard 20 mg, tabletten met gereguleerde afgifte
9 DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING / HERNIEUWING VAN DE VERGUNNING
Datum van eerste verlening van de vergunning: 11 augustus 1997
Datum van laatste verlenging: 11 augustus 2012
10 DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Laatste gedeeltelijke wijziging betreft de rubrieken 4.4, 4.5 en 4.8: 28 januari 2026.
