SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Foliumzuur Teva 0,5 mg tablet
1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL
Foliumzuur Teva 0,5 mg, tabletten
2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING
Foliumzuur Teva 0,5 mg bevat 0,5 mg foliumzuur per tablet.
Hulpstof met bekend effect:
Lactose.
Voor de volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.
3. FARMACEUTISCHE VORM
Tabletten.
De tabletten zijn lichtgeel, rond, vlak met aan de ene zijde een breukstreep en aan de andere zijde de inscriptie “Ac. Fol. 0.5”.
4. KLINISCHE GEGEVENS
4.1 Therapeutische indicaties
Ter voorkoming van foliumzuurdeficiëntie, bijv. bij absorptiestoornissen, chronisch alcoholisme, bij epilepsie met dreigende deficiëntie ten gevolge van langdurig gebruik van anti-epileptica.
Ter verlaging van het risico op het krijgen van een kind met een neuraalbuisdefect, bij vrouwen die zwanger kunnen of willen worden en niet eerder een kind met een dergelijke aandoening gekregen hebben.
4.2 Dosering en wijze van toediening
De maximale dagdosis is 1 mg, zo mogelijk verdeeld over de dag (tweemaal 0,5 mg) toe te dienen. De aanvangsdosis is 0,5-1 mg per dag. Na verdwijnen van de klinische symptomen kan veelal worden volstaan met een lagere onderhoudsdosering van 0,25-0,5 mg per dag.
Ter reductie van het risico op een kind met een neuraalbuisdefect is de dagdosis 0,5 mg. Foliumzuur dient ten minste vanaf 4 weken voor tot 8 weken na de conceptie te worden ingenomen.
4.3 Contra-indicaties
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
Pernicieuze anemie, die niet of onvoldoende wordt behandeld met vitamine B12. Zie ook rubriek 4.4.
Megaloblastaire anemie met onbekende oorzaak.
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik
De toediening van foliumzuur alleen is niet voldoende bij pernicieuze anemie en andere vormen van megaloblastaire anemie geassocieerd met een vitamine B12 deficiëntie. De behandeling van megaloblastaire anemie met foliumzuur mag pas worden ingesteld indien een vitamine B12 deficiëntie is uitgesloten of afdoende wordt behandeld: in het geval van een vitamine B12 tekort leidt de toediening van foliumzuur tot een snelle normalisering van het bloedbeeld. De neurologische afwijkingen (gecombineerde strengdegeneratie) ten gevolge van het vitamine B12 tekort verergeren echter of worden geprovoceerd.
Patiënten die langdurig met fenytoïne of fenobarbital worden behandeld en hierdoor een foliumzuurdeficiëntie ontwikkelen, dienen te worden behandeld met maximaal 1 mg foliumzuur per dag, daar hogere doses de frequentie van insulten kunnen verhogen.
Vrouwen die eerder een kind hebben gekregen met een neuraalbuisdefect dienen 5 mg per dag in te nemen.
Dit geneesmiddel bevat lactose. Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, algehele lactasedeficiëntie of glucose-galactose malabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Foliumzuur kan het metabolisme versnellen van enkele anti-epileptica, waaronder fenytoïne en fenobarbital. Het gedurende langere tijd gebruiken van 5 mg foliumzuur per dag kan tot toename van insulten lijden. Patiënten die langdurig met fenytoïne of fenobarbital worden behandeld en hierdoor een foliumzuurdeficiëntie ontwikkelen, dienen te worden behandeld met maximaal 1 mg foliumzuur per dag.
Het gebruik van foliumzuur versterkt de toxiciteit van fluorouracil.
Bij gelijktijdige toediening met chlooramfenicol dient rekening gehouden te worden met een verminderde hemopoëtische respons op foliumzuur. De hematologische respons op foliumzuur dient gevolgd te worden wanneer de middelen gelijktijdig gebruikt worden.
De werking van foliumzuurantagonisten zoals methotrexaat, trimethoprim en pyrimethamine wordt verminderd en kan zelfs worden opgeheven door gelijktijdig gebruik van foliumzuur.
Gelijktijdige inname met groene of zwarte thee kan leiden tot een verlaagde biologische beschikbaarheid van foliumzuur.
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding
Zwangerschap
Dit geneesmiddel kan voor zover bekend zonder gevaar voor de vrucht overeenkomstig het voorschrift worden gebruikt in de zwangerschap. Het gebruik van foliumzuur door vrouwen gedurende de vroege zwangerschap heeft een bewezen positief effect.
Borstvoeding
Uitscheiding in de moedermelk vindt plaats; foliumzuur kan echter in de aanbevolen dosering tijdens de lactatie worden gebruikt.
Vruchtbaarheid
Er zijn geen gegevens met betrekking tot de vruchtbaarheid bij gebruik van foliumzuur.
4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Er zijn geen gegevens bekend over de invloed van dit product op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te gebruiken. Een effect is echter niet waarschijnlijk.
4.8 Bijwerkingen
De volgende bijwerkingen kunnen optreden tijdens het gebruik van foliumzuur.
De bijwerkingen staan hieronder weergegeven per systeem/orgaanklasse en frequentie.
De frequenties zijn als volgt gedefinieerd:
Zeer vaak (≥1/10)
Vaak (≥1/100, <1/10)
Soms (≥1/1.000, <1/100)
Zelden (≥1/10.000, <1/1.000)
Zeer zelden (<1/10.000)
Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)
Immuunsysteemaandoeningen
Zelden: koorts, overgevoeligheid.
Niet bekend: anafylactische reactie.
Psychische stoornissen
Zeer zelden: slaapstoornissen, depressie.
Zenuwstelselaandoeningen
Zeer zelden: prikkelbaarheid.
Maagdarmstelselaandoeningen
Zeer zelden: gastro-intestinale klachten.
Huid- en onderhuidaandoeningen
Zelden: huiduitslag.
Melding van vermoedelijke bijwerkingen
Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico’s van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, website: www.lareb.nl.
4.9 Overdosering
Bij overdosering zijn geen toxische effecten te verwachten. Bij hoge doseringen zijn wel maagklachten gemeld.
5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische eigenschappen
Farmacotherapeutische groep: Vitamines, ATC-code: B03BB01.
Foliumzuur wordt onder invloed van het enzym dihydrofoliumzuurreductase (DHRF) omgezet in tetrahydrofoliumzuur. Deze stof speelt in de vorm van 5-methyltetrahydrofoliumzuur een belangrijke rol bij de overdracht van C1-fragmenten. Tetrahydrofoliumzuur is betrokken bij de synthese van purines en pyrimidines (en daardoor bij de synthese van nucleïnezuren), en bij het metabolisme van enkele aminozuren.
Bij een foliumzuurdeficiëntie als gevolg van de voedingswijze is orale toediening van 0,1-0,2 mg foliumzuur per dag voldoende; bij resorptiestoornissen 0,5-1 mg.
Ter verlaging van het risico op het krijgen van een eerste kind met een neuraalbuisdefect is 0,5 mg foliumzuur per dag voldoende.
5.2 Farmacokinetische eigenschappen
Absorptie
Foliumzuur wordt snel vanuit het proximale gedeelte van de dunne darm geabsorbeerd.
Distributie
Na lage orale doses wordt foliumzuur vrijwel volledig omgezet in het actieve 5-methyltetrahydrofoliumzuur; bij hogere doses is de mate van omzetting relatief lager. Foliumzuursuppletie in verdeelde doses geeft daarom een hogere beschikbaarheid van 5-methyltetrahydrofoliumzuur.
5-Methyl-tetrahydrofoliumzuur wordt sterk aan plasma-eiwitten gebonden. Foliumzuur in geactiveerde vorm verdeelt zich over het gehele lichaam. In de lever bevindt zich ongeveer de helft van de totale lichaamsvoorraad.
Hoge concentraties worden aangetroffen in erythrocyten en in cerebrospinale vloeistof. Uitscheiding in moedermelk treedt op.
Biotransformatie
Na lage orale doses wordt foliumzuur vrijwel volledig omgezet in het actieve 5-methyltetrahydrofoliumzuur; bij hogere doses is de mate van omzetting relatief lager. Foliumzuursuppletie in verdeelde doses geeft daarom een hogere beschikbaarheid van 5-methyltetrahydrofoliumzuur.
Eliminatie
Bij hogere orale doseringen wordt disproportioneel onveranderd foliumzuur in de urine uitgescheiden: na een orale dosis van 1 µg/kg ongeveer 2%, na een orale dosis van 150 µg/kg echter ongeveer 90%
5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek
Geen bijzonderheden.
6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS
6.1 Lijst van hulpstoffen
Aardappelzetmeel, lactose, voorverstijfseld aardappelzetmeel, talk (E553b), magnesiumstearaat (E572)
6.2 Gevallen van onverenigbaarheid
Niet van toepassing.
6.3 Houdbaarheid
3 jaar.
Na opening van de pot nog 2 jaar houdbaar.
6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Bewaren beneden 25°C.
Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen licht en vocht.
6.5 Aard en inhoud van de verpakking
PE en PP potten met PE dop
PVC-Aluminium blisters
Foliumzuur Teva 0,5 mg is verpakt in potten à 250 en 1000 tabletten, in clicker potten à 90 tabletten, in blisterverpakkingen à 30, 90 en 120 tabletten en in eenheidsafleververpakkingen à 50 (50x1) tabletten.
Het is mogelijk dat niet alle genoemde verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen
Geen bijzondere vereisten.
7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
Teva Nederland B.V.
Swensweg 5
2031 GA Haarlem
Nederland
8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN
RVG 55655
9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/VERLENGING VAN DE VERGUNNING
Datum van eerste verlening van de vergunning: 12 maart 1992
Datum van laatste verlenging: 12 maart 2017
10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST
Laatste gedeeltelijke wijziging betreft de rubrieken 4.1, 4.4 en 5.1: 9 juli 2026
