Bijsluiter-info.nl

Cholecalciferol INVOS 800 IE / 1.000 IE / 3.200 IE capsule, zacht – SmPC

De SmPC is bedoeld voor zorgverleners. Begrijpelijke informatie voor patiënten staat in de bijsluiter: dosering, bijwerkingen, andere geneesmiddelen, zwangerschap en borstvoeding.

Bijgewerkt:
Feiten
Status:
Alleen op recept
Sterkte:
800 IE, 1.000 IE, 3.200 IE
Werkzame stof:
Vergelijkbare geneesmiddelen:

SmPC (samenvatting van de productkenmerken) - Cholecalciferol INVOS 800 IE / 1.000 IE / 3.200 IE capsule, zacht

1. NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

Cholecalciferol INVOS 800 IE zachte capsules

Cholecalciferol INVOS 1.000 IE zachte capsules

Cholecalciferol INVOS 3.200 IE zachte capsules

2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Elke 800 IE capsule bevat:

20 microgram colecalciferol (vitamine D3, overeenkomend met 800 IE).

Elke 1.000 IE capsule bevat:

25 microgram colecalciferol (vitamine D3, overeenkomend met 1.000 IE).

Elke 3.200 IE capsule bevat:

80 microgram colecalciferol (vitamine D3, overeenkomend met 3.200 IE).

3. FARMACEUTISCHE VORM

Zachte capsule

800 IE capsule: lichtgele ondoorzichtige ovale zachte capsule, formaat 2. De lengte van de capsule is circa 9,5 mm en de breedte is circa 5,9 mm.

1.000 IE capsule: oranje ondoorzichtige ovale zachte capsule, formaat 2. De lengte van de capsule is circa 9,5 mm en de breedte is circa 6,2 mm.

3.200 IE capsule: gele ondoorzichtige ovale zachte capsule, formaat 6. De lengte van de capsule is circa 13,6 mm en de breedte is circa 8,4 mm.

4. KLINISCHE GEGEVENS

4.1 Therapeutische indicaties

800 IE en 1.000 IE zachte capsules

  • Behandeling van vitamine-D-deficiëntie bij volwassenen en adolescenten
  • Preventie van vitamine D-deficiëntie bij volwassenen met een vastgesteld risico.
  • Als adjuvans bij een specifieke behandeling van osteoporose bij volwassen patiënten met vitamine-D-deficiëntie of die risico lopen op een vitamine-D-insufficiëntie.

3.200 IE zachte capsules

  • Behandeling van vitamine-D-deficiëntie bij volwassenen en adolescenten.

Cholecalciferol INVOS 800 IE, 1.000 IE en 3.200 IE zachte capsules zijn geïndiceerd bij adolescenten en volwassenen.

4.2 Dosering en wijze van toediening

Dosering

De dosering dient individueel te worden bepaald, afhankelijk van de hoeveelheid benodigde vitamine D-suppletie. De dosering dient individueel te worden bepaald door de behandelend arts, afhankelijk van de hoeveelheid benodigde vitamine D-suppletie.

Het eetpatroon van de patiënt dient zorgvuldig te worden beoordeeld, waarbij ook de kunstmatige toevoeging van vitamine D aan bepaalde voedingsmiddelen moet worden meegerekend.

800 IE, 1.000 IE en 3.200 zachte capsules

Volwassenen

Behandeling van vitamine-D-deficiëntie (gehalte in serum < 25 nmol/l of < 10 ng/ml) bij volwassenen:

800 IE - 4.000 IE/dag.

Een maand na de oplaaddosis dient een lagere onderhoudsdosis te worden overwogen op geleide van de gewenste serumspiegels 25-hydroxy-colecalciferol (25(OH)D), de ernst van de aandoening en de respons van de patiënt op de behandeling.

Preventie van vitamine-D-deficiëntie bij volwassenen met een vastgesteld risico: 800 IE - 1.000 IE/dag.

De dosis dient te worden aangepast op geleide van de gewenste serumspiegels 25-hydroxy-colecalciferol (25(OH)D), de ernst van de aandoening en de respons van de patiënt op de behandeling. Als aanvulling op specifieke therapie voor osteoporose bij patiënten met vitamine-D-deficiëntie of met een risico op vitamine-D-insufficiëntie bij volwassenen: 800 IE - 1.000 IE/dag.

Als alternatief kunnen nationale doseringsaanbevelingen bij preventie en behandeling van vitamine D-deficiëntie worden gevolgd.

De 800 IE sterkte kan niet worden bereikt met de 1.000 IE sterkte. Als alternatief kunnen doseringsaanbevelingen bij behandeling van vitamine D-deficiëntie worden gevolgd.

Medisch toezicht is noodzakelijk aangezien de vereiste doseringen kunnen variëren, afhankelijk van de respons van de patiënt (zie rubriek 4.4).

Bijzondere patiëntengroepen

Leverfunctiestoornis

Er is geen dosisaanpassing noodzakelijk bij patiënten met een leverfunctiestoornis.

Nierfunctiestoornis

Cholecalciferol INVOS mag niet worden gebruikt bij patiënten met ernstige nierinsufficiëntie.

Pediatrische patiënten

800 IE en 1.000 IE en 3.200 zachte capsules

Cholecalciferol INVOS mag niet worden gebruikt bij kinderen onder de 12 jaar.

Behandeling van vitamine-D-deficiëntie (serumspiegels < 25 nmol/l of < 10 ng/ml) bij adolescenten (12-18 jaar): 800-4.000 IE/dag. De dagelijkse dosis mag niet hoger zijn dan 4.000 IE/dag.

Een maand na de oplaaddosis dient een lagere onderhoudsdosis te worden overwogen. Hogere doses dienen te worden aangepast op geleide van de gewenste serumspiegels 25-hydroxy-colecalciferol (25(OH)D), de ernst van de aandoening en de respons van de patiënt op de behandeling.

De dosering moet individueel worden bepaald door de behandelend arts, op geleide van de benodigde vitamine-D-supplementatie.

Wijze van toediening

Orale toediening

De capsules mogen niet worden gekauwd en moeten in hun geheel worden doorgeslikt met water.

4.3 Contra-indicaties

  • Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
  • Ziekten/aandoeningen die verband houden met hypercalciëmie en/of hypercalciurie.
  • Calciumnefrolithiase, nefrocalcinose, D-hypervitaminose
  • Ernstige nierinsufficiëntie

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

In het geval van therapeutische behandeling dient de dosis op individuele basis voor de patiënten te worden vastgesteld door regelmatig het calciumgehalte in het plasma te controleren. Tijdens een langdurige behandeling moeten het calciumgehalte in het serum, de urinaire excretie van calcium en de nierfunctie regelmatig worden gecontroleerd, met name bij ouderen die gelijktijdig behandeld worden met hartglycosiden of diuretica (zie rubriek 4.5) en in geval van hyperfosfatemie, alsook bij patiënten met een verhoogd risico van lithiasis. In geval van hypercalciëmie of hypercalciurie (meer dan 300 mg (7,5 mmol)/24 uur) moet de behandeling worden gestaakt (zie rubriek 4.3). In geval van nierfunctiestoornissen moet de dosis worden verlaagd of moet de behandeling worden stopgezet.

Verminderde nierfunctie

Vitamine D moet met voorzichtigheid gebruikt worden bij patiënten met nierfunctiestoornissen en het effect op calcium- en fosfaatspiegels moet regelmatig gecontroleerd worden. Het risico op calcificatie van zacht weefsel moet in overweging worden genomen. Bij patiënten met ernstige nierinsufficiëntie wordt vitamine D in de vorm van colecalciferol niet normaal gemetaboliseerd en moeten andere vormen van vitamine D gebruikt worden.

Pseudohypoparathyreoïdie

Cholecalciferol INVOS mag niet worden ingenomen indien pseudohypoparathyreoïdie aanwezig is (de behoefte aan vitamine D kan worden verminderd door de soms normale gevoeligheid voor vitamine D, met een risico van langdurige overdosering). Voor deze gevallen zijn beter beheersbare vitamine D-derivaten beschikbaar (zie rubriek 4.3).

Sarcoïdose

Vitamine D3 moet met voorzichtigheid voorgeschreven worden bij patiënten die lijden aan sarcoïdose, vanwege het risico van een verhoogd metabolisme van vitamine D tot zijn actieve vorm. Bij deze patiënten moet het calciumgehalte in het serum en de urine gevolgd worden.

Gelijktijdig gebruik van multivitamineproducten

Er moet rekening gehouden worden met het gehalte van vitamine D in Cholecalciferol INVOS wanneer er andere geneesmiddelen voorgeschreven worden die vitamine D bevatten. Gelijktijdig gebruik van multivitamineproducten en voedingssupplementen die vitamine D bevatten moet worden vermeden.

Geneesmiddelen die effect hebben via de remming van botresorptie, verminderen de hoeveelheid calcium die uit bot wordt verkregen. Om dit te voorkomen, is het, net als gelijktijdige behandeling met geneesmiddelen die de ontwikkeling van bot bevorderen, noodzakelijk om vitamine D in te nemen en te zorgen voor het juiste calciumgehalte.

Pediatrische patiënten

800 IE en 1.000 IE en 3.200 zachte capsules

Cholecalciferol INVOS mag niet worden gebruikt bij kinderen onder de 12 jaar.

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Gelijktijdig gebruik met calciumbevattende producten die in grote doses worden toegediend, kan de kans op hypercalciëmie vergroten.

Thiazidediuretica verminderen de excretie van calcium met urine. Regelmatige controle van het serumcalciumspiegel is noodzakelijk in geval van gelijktijdig gebruik met thiazidediuretica of met calciumhoudende producten die in hoge doses worden genomen, vanwege een verhoogd risico op hypercalciëmie.

In geval van behandeling met geneesmiddelen die digitalis en andere hartglycosiden bevatten, kan de toediening van vitamine D het risico op digitalistoxiciteit (aritmie) verhogen. Strikt medisch toezicht is noodzakelijk en zo nodig bewaking van ECG en calcium.

Systematische corticosteroïden remmen de opname van calcium. Langdurig gebruik van corticosteroïden kan het effect van vitamine D tegengaan.

Gelijktijdige behandeling met ionen-uitwisselende harsen (bijv. colestyramine) of laxantia (zoals paraffineolie) kan de gastro-intestinale absorptie van vitamine D verminderen. Orlistat kan de absorptie van vitamine D verminderen omdat het in vet oplosbaar is. Neem geen vitamine D binnen 2 uur vóór of na toediening van orlistat en een vitamine D-analoog.

Producten die magnesium bevatten (zoals antacida) dienen niet te worden ingenomen tijdens de vitamine D-behandeling, vanwege het risico van hypermagnesiëmie.

Anticonvulsiva, zoals fenytoïne en barbituraten (bijv. primidon) kunnen het effect van vitamine D verminderen, als gevolg van activering van het microsomale enzymsysteem.

Gelijktijdig gebruik van vitamine D met calcitonine, etidronaat, galliumnitraat, pamidronaat of plicamycine kan het effect van deze producten in de behandeling van hypercalciëmie tegenwerken.

Het gelijktijdig toedienen van producten die fosfor bevatten in grote doses, kan het risico van hyperfosfatemie vergroten.

Het cytotoxische middel actinomycine en imidazool-antimycotica interfereren met de vitamine-D-activiteit doordat zij de omzetting van 25-hydroxyvitamine D in 1,25-dihydroxyvitamine D door het nierenzym 25-hydroxyvitamine D-1-hydroxylase remmen.

Rifampicine kan de effectiviteit van vitamine D3 reduceren door het op gang brengen van leverenzymreacties.

Isoniazide kan de effectiviteit van vitamine D3 reduceren door remming van de metabole activatie van vitamine D.

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding

Zwangerschap

Er zijn beperkte gegevens over het gebruik van colecalciferol door zwangere vrouwen. Vitamine-D-deficiëntie is schadelijk voor moeder en kind. Uit dieronderzoek is gebleken dat hoge doses vitamine D een teratogeen effect hebben (zie rubriek 5.3).

Overdosering van vitamine D moet vermeden worden tijdens de zwangerschap, aangezien verlengde hypercalciëmie kan leiden tot fysieke en psychische retardatie, supravalvulaire aortastenose en retinopathie van het kind.

Bij vitamine-D-deficiëntie is de aanbevolen dosering afhankelijk van nationale richtlijnen, maar de maximale aanbevolen dosis tijdens de zwangerschap is 4.000 IE/dag vitamine D3. Het gebruik van Cholecalciferol INVOS in hogere doses wordt niet aanbevolen voor behandeling tijdens de zwangerschap.

Borstvoeding

Vitamine D3 en zijn metabolieten worden in de moedermelk uitgescheiden. Er zijn geen bijwerkingen waargenomen bij zuigelingen. Cholecalciferol INVOS kan in geval van vitamine-D-deficiëntie in de aanbevolen doseringen worden gebruikt tijdens de periode waarin borstvoeding wordt gegeven. Hiermee moet rekening gehouden worden wanneer aanvullende vitamine D wordt toegediend aan het kind.

Vruchtbaarheid

Er zijn geen gegevens over het effect van colecalciferol op de vruchtbaarheid. Naar verwachting hebben normale endogene vitamine-D-spiegels echter geen negatieve invloed op de vruchtbaarheid.

4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Cholecalciferol INVOS heeft geen of een verwaarloosbare invloed op de rijvaardigheid en op het vermogen om machines te bedienen.

4.8 Bijwerkingen

De frequentie van mogelijke bijwerkingen is als volgt ingedeeld:

Zeer vaak (≥1/10)

Vaak (≥1/100, <1/10)

Soms (≥1/1.000, <1/100)

Zelden (≥1/10.000, <1/1000)

Zeer zelden (<1/10.000)

Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

De bijwerkingen zijn het gevolg van overdosering.

Immuunsysteemaandoeningen:

Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald): Overgevoeligheidsreacties zoals angio-oedeem of larynxoedeem.

Voedings- en stofwisselingsstoornissen:

Soms: Hypercalciëmie en/of hypercalciurie.

Maagdarmstelselaandoeningen:

Niet bekend: Constipatie, flatulentie, misselijkheid, buikpijn, diarree.

Huid- en onderhuidaandoeningen:

Zelden: Pruritus, huiduitslag en urticaria.

Afhankelijk van de dosis en de duur van de behandeling kan ernstige en aanhoudende hypercalciëmie optreden met acute episodes (hartritmestoornissen, misselijkheid, braken, psychische symptomen, bewustzijnsverlies) en chronische episodes (toegenomen mictie, toegenomen dorst, verlies van eetlust, gewichtsverlies, nierstenen, nierverkalking, verkalking in weefsels buiten de botten).

In zeer zeldzame gevallen is fataliteit beschreven (zie 4.4. “Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik” en 4.8 “Overdosering”).

Melding van vermoedelijke bijwerkingen

Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico's van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb, www.lareb.nl.

4.9 Overdosering

Symptomen van overdosering

Bij volwassenen met normaal functionerende bijschildklieren is de drempel voor vitamine-D-intoxicatie 40.000 tot 100.000 IE per dag gedurende 1 tot 2 maanden. Zuigelingen en jonge kinderen kunnen reageren op veel lagere concentraties. Daarom dient vitamine D altijd onder medisch toezicht te worden ingenomen.

Overdosering van het product kan leiden tot hypervitaminose, hypercalciëmie en hyperfosfatemie.

Acute of chronische overdosering van vitamine D kan hypercalciëmie veroorzaken. Symptomen van hypercalciëmie zijn vermoeidheid, hoofdpijn, spier- en gewrichtspijn, spierzwakte, psychische symptomen (bijv. euforie, versuftheid, en verstoord bewustzijn), misselijkheid, braken, gebrek aan eetlust, gewichtsverlies, dorst, polyurie, vorming van nierstenen, nefrocalcinose, extraossale calcificatie en nierfalen, veranderingen in ECG, aritmieën en pancreatitis. In incidentele gevallen is het verloop hiervan beschreven als fataal. Chronische overdosering kan leiden tot vasculaire- en orgaancalcificatie als gevolg van hypercalciëmie.

Hypercalciëmie kan in extreme gevallen leiden tot een coma of zelfs tot de dood.

Therapeutische maatregelen bij overdosering

Een specifiek antidotum bestaat niet. Als eerste maatregel dient het gebruik van het vitamine-D-preparaat te worden gestaakt; normalisering van hypercalciëmie als gevolg van vitamine-D-intoxicatie duurt enkele weken.

Tegelijkertijd moet het gebruik van thiazidediuretica, lithium, vitamine D en A evenals hartglycosiden worden stopgezet. Afhankelijk van de mate van hypercalciëmie en de conditie van de patiënt, bijv. in geval van oligurie, kan hemodialyse (calciumvrije dialyse) noodzakelijk zijn.

Gegradeerd op basis van de mate van hypercalciëmie, is de behandeling gericht op de symptomen. Rehydratie en behandeling met diuretica, bijv. furosemide, om adequate diurese te garanderen. Bij hypercalciëmie kunnen bifosfonaten of calcitonine en corticosteroïden worden gegeven.

Serumelektrolytenniveaus, de nierfunctie en de diurese dienen regelmatig te worden gecontroleerd. In ernstige gevallen kunnen ECG en meten van de centraal veneuze druk nodig zijn.

5. FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN

5.1 Farmacodynamische eigenschappen

Farmacotherapeutische categorie: Vitamine D en analogen, colecalciferol ATC-code: A11CC05

Cholecalciferol (vitamine D3) wordt gevormd in de huid bij blootstelling aan UV licht en wordt omgezet in zijn biologisch actieve vorm, 1,25-dihydroxycholecalciferol in twee hydroxylatiestappen, eerst in de lever (positie 25) en vervolgens in het nierweefsel (positie 1). Samen met het parathormoon en calcitonine heeft 1,25-dihydroxycholecalciferol een aanzienlijke invloed op de regulering van het calcium- en fosfaatmetabolisme. Bij vitamine-D-deficiëntie verkalkt het skelet niet (resulterend in rachitis) of treedt botontkalking op (resulterend in osteomalacie).

Op grond van de productie, de fysiologische regulatie en het werkingsmechanisme zou vitamine D3 beschouwd moeten worden als een pre-steroïde hormoon. Als toevoeging op de fysiologische aanmaak van colecalciferol in de huid kan cholecalciferol worden gegeven via de voeding of in de vorm van een geneesmiddel. Aangezien in het laatste geval de productremming van de cutane vitamine-D-synthese wordt omzeild, kunnen overdosering en vergiftiging voorkomen. Ergocalciferol (vitamine D2) wordt gesynthetiseerd door planten. In het menselijk lichaam wordt het metabolisch op dezelfde wijze als colecalciferol geactiveerd. Het heeft dezelfde kwalitatieve en kwantitatieve effecten.

Vis en visleverolie zijn bijzonder rijk aan vitamine D; kleine hoeveelheden zijn te vinden in vlees, eidooier, melk, zuivelproducten en avocado.

Deficiëntie-ziekten kunnen optreden, onder andere bij onvolgroeide premature pasgeborenen, zuigelingen die uitsluitend borstvoeding ontvangen gedurende meer dan zes maanden zonder toevoeging van calcium-bevattende voedingsmiddelen en kinderen die gevoed worden met een strikt vegetarisch dieet. De oorzaken van zelden voorkomende vitamine-D-deficiëntie bij volwassenen kunnen zijn: onvoldoende alimentaire inname, onvoldoende blootstelling aan UV licht, malabsorptie en maldigestie, levercirrose en nierinsufficiëntie.

5.2 Farmacokinetische eigenschappen

Vitamine D

Blootstelling aan de zon: UVB-licht zet 7-dehydrocholesterol dat zich in de huid bevindt, om in colecalciferol.

Absorptie:

Vitamine D wordt gemakkelijk geabsorbeerd in de dunne darm. Voedselinname kan de absorptie van vitamine D versterken.

Distributie en biotransformatie:

Colecalciferol en zijn metabolieten circuleren in het bloed, gebonden aan een specifiek globuline. Colecalciferol wordt in de lever door hydroxylering omgezet tot 25-hydroxycholecalciferol. Dit wordt dan verder in de nieren omgezet tot 1,25-dihydroxycholecalciferol. 1,25-dihydroxycolecalciferol is de actieve metaboliet die verantwoordelijk is voor de verhoogde calciumabsorptie. Vitamine D die niet gemetaboliseerd wordt, wordt opgeslagen in het vet- en spierweefsel.

Na een enkelvoudige dosis colecalciferol worden de maximale serumconcentraties van de primaire opslagvorm bereikt na ongeveer 7 dagen. 25(OH)D3 wordt vervolgens langzaam geëlimineerd met een schijnbare halfwaardetijd in serum van circa 50 dagen. Cholecalciferol en zijn metabolieten worden hoofdzakelijk uitgescheiden met de gal en de feces.

Eliminatie:

Vitamine D wordt hoofdzakelijk uitgescheiden met de gal en de feces, en een klein percentage met de urine.

Speciale patiëntengroepen

Een stoornis in het metabolisme en de excretie van vitamine D is beschreven bij patiënten met chronisch nierfalen.

5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek

In doses die veel hoger lagen dan de therapeutische doses bij de mens, werd teratogeniciteit waargenomen in dierstudies. Er zijn geen andere relevante gegevens beschikbaar dan de gegevens die elders in de Samenvatting van de productkenmerken zijn genoemd (zie rubriek 4.6 en 4.9).

Cholecalciferol heeft geen potentiële mutagene activiteit (negatief in Ames-test). Er zijn geen tests op carcinogene activiteiten uitgevoerd.

6. FARMACEUTISCHE GEGEVENS

6.1 Lijst van hulpstoffen

Inhoud van de capsule

Butylhydroxytolueen (BHT)

Middellangeketentriglyceride-olie

Capsulewand

Gelatine

Glycerol

Titaniumdioxide (E-171)

Geel ijzeroxide (E-172) (alleen 800, 1.000, 3.200 IE)

Rood ijzeroxide (E-172) (alleen 1.000 IE)

Gezuiverd water

6.2 Gevallen van onverenigbaarheid

Niet van toepassing.

6.3 Houdbaarheid

3 jaar

6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren

Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities wat betreft de temperatuur. Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen licht.

6.5 Aard en inhoud van de verpakking

Witte ondoorschijnende PVC/PVdC/Aluminium blisterverpakkingen.

800 IE

Doos met daarin 28, 30, 80 en/of 90 zachte capsules.

1.000 IE

Doos met daarin 30, 50, 80, 90, 100, 120 en/of 200 zachte capsules.

3.200 IE

Doos met daarin 7, 30 en/of 90 zachte capsules.

Het is mogelijk dat niet alle verpakkingsgrootten n de handel worden gebracht.

6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen

Geen bijzondere vereisten voor verwijdering.

7. HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

INVOS HELLAS S.M.P.C,

5, Thermopylon Str.

15233 Chalandri,

Athens, Griekenland

8. NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

Cholecalciferol INVOS 800 IE zachte capsulesRVG 124694
Cholecalciferol INVOS 1.000 IE zachte capsulesRVG 124695
Cholecalciferol INVOS 3.200 IE zachte capsulesRVG 124696

9. DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/VERLENGING VAN DE VERGUNNING

Datum van eerste verlening van de vergunning: 30 september 2020

Datum van laatste verlenging: 5 augustus 2025

10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST

Laatste gedeeltelijke wijziging betreft de rubrieken 6.3 en 6.4: 3 juli 2025

Over dit document

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank · Registratienummer: RVG 124696

Datum van herziening volgens de tekst: 03-07-2025

Een fout gevonden? Schrijf ons via de contactpagina.

De informatie op deze website vervangt niet het advies van uw arts of apotheker.

Gegevens over het medicijn Cholecalciferol INVOS 800 IE / 1.000 IE / 3.200 IE capsule, zacht

Afleverstatus
Alleen op recept?
  • Afleverstatus: alleen op recept (UR, uitsluitend recept)
Werkzame stoffen Cholecalciferol, Cholecalciferol
Toedieningsweg Oraal gebruik
Hulpstoffen
butylhydroxytolueen (e 321), gelatine (e 441), glycerol (e 422), ijzeroxide geel (e 172) … (+3)+

butylhydroxytolueen (e 321), gelatine (e 441), glycerol (e 422), ijzeroxide geel (e 172), titaandioxide (e 171), triglyceriden middellange keten, water, gezuiverd

ATC-indeling
  1. A Middelen voor maag-darmkanaal en metabolisme
    1. A11 Vitaminen
      1. A11C Vitamine A en D, incl. combinaties van beide
        1. A11CC Vitamine D en analogen
          1. A11CC05 Cholecalciferol
Registratiehouder Invos Hellas S.M.P.C.
Sterkten en vormen
  • 800 IE capsule, zacht 124694
  • 1.000 IE capsule, zacht 124695
  • 3.200 IE capsule, zacht 124696
Registratie 124694, 124695, 124696

Bron: CBG-MEB – Geneesmiddeleninformatiebank, gegevens van 31-10-2026. Gegevens uit de Geneesmiddeleninformatiebank van het CBG-MEB, zonder garantie. Ze vervangen niet het advies van uw arts of apotheker.